• Shortcuts : 'n' next unread feed - 'p' previous unread feed • Styles : 1 2

» Publishers, Monetize your RSS feeds with FeedShow:  More infos  (Show/Hide Ads)


Date: Wednesday, 10 Aug 2011 09:52
Het is geen nieuws dat het niet zo goed gaat met de Verenigde Staten. We weten al jaren dat het land veel te hoge schulden, een moeizaam draaiende economie en hoge werkeloosheid heeft. Ook weten we dat de VS bij twee dure oorlogen betrokken is en gezondheidszorg- en onderwijssystemen heeft die aan grootschalige renovatie toe zijn terwijl daar praktisch geen geld voor is. We weten ook dat bovenstaande problemen bepaald niet de enige zijn waar de overwinnaar van de Koude Oorlog mee worstelt.

Wat wel nieuws is, is dat de scheuren en barsten in het firmament die de afgelopen jaren nog door allerlei laagjes plamuur waren bedekt plotseling zichtbaar zijn geworden. De zenuwslopende politieke strijd over het schuldenplafond is daar debet aan. De uitkomst daarvan heeft er namelijk voor gezorgd dat de markten nog nerveuzer zijn geworden dan ze al waren. Al dagen duiken de koersen op de aandelenmarkten verder naar beneden. Wat iedereen al wist, zien we nu ook: Amerika is misschien wel een grootmacht in verval. Amerika gaat (is?) misschien wel failliet.

Eén van de steeds terugkerende vragen bij de strijd over het schuldenplafond was: ‘heeft Obama het wel goed gedaan?’ Een antwoord hierop vereist in ieder geval enige context. Zo is het bepaald niet de eerste keer dat het schuldenplafond van de VS is verhoogd. Sinds 1962 was dit maar liefst de 75e keer dat dit gebeurde. Onder Reagan werd het plafond 18 keer opgehoogd, onder George W. Bush 7 keer. Plat en wellicht wat kort door de bocht gezegd: Amerika moet wel, want anders kan ze haar rekeningen niet meer betalen en stort de economie in (voor zover dat niet al aan het gebeuren was).

De telkens terugkerende discussie over ophoging is dus louter symbolisch. Democraten gebruiken hem om te roepen tot belastingverhoging voor hogere inkomens. Republikeinen pleiten voor bezuinigingen om de schuld te verkleinen. Op het laatste moment is er altijd een compromis. Dit verleidde Reagan er in 1986 toe om te zeggen: ‘Het congres brengt de overheid telkens tot het randje van faillissement voordat het haar verantwoordelijkheid neemt.’ Terecht constateerde hij dat dit het vertrouwen van consumenten en markten in de Amerikaanse overheid ernstig ondermijnt.

Dit jaar leek het bijna echt mis te gaan, omdat er een nieuwe factor in het spel was: de Tea Party. Nadat alle rituele bewegingen voor de 75e keer waren gemaakt, was de Republikeinse (!) voorzitter van het Huis van Afgevaardigden met een voorstel gekomen waarin beide partijen zoals gebruikelijk tegemoet werden gekomen. Hij werd echter terug gefloten door Tea Partyleden en ‘reguliere’ Republikeinen die vonden dat hij niet toe mocht geven aan de Democraten. Obama werd gedwongen in te stemmen met een voorstel dat praktisch alleen de Republikeinse eisen inwilligde.

Velen wezen naar Obama. Hij had voor een oplossing gezorgd, maar de Democraten hadden duidelijk verloren. Hij had feller moeten zijn, hij had zijn rug recht moeten houden, de Tea Party de les moeten lezen en voor een snellere oplossing moeten zorgen, want nu waren de financiële markten te lang in onzekerheid gehouden. In plaats daarvan was hij voor de Tea Party gezwicht. In de New York Times beschreef politiek consultant en professor in de psychologie Drew Westen de Tea Party eerder deze maand als pestkoppen. Hij constateerde dat Obama totaal niet met hen om kon gaan: ‘Obama heeft een diepgewortelde afkeer van conflict en een groot gebrek aan begrip voor de dynamiek van pesten -waarbij bemiddeling altijd de verkeerde manier van handelen is, omdat de pestkoppen dat als zwakte zien en een volgende keer nog harder slaan.’ Westen zei ook dat Obama maar niet op de juiste manier met het Amerikaanse volk wist te communiceren: hij moest veel beter duidelijk maken hoe de overheid van plan was weer voor banen te zorgen en het land uit het slop te trekken.

Management by speech dus, waar Obama in zijn campagne juist altijd zo goed in was. Maar met praten alleen komt Obama er niet meer. Die tijden zijn voorbij. Dat liet China ook overduidelijk weten, vlak nadat het schuldenplafond net was verhoogd. Het land liet weten zich zorgen te maken om 'de verlammende tendens om de economie te politiseren.' Het vroeg zich af of Washington’s politieke elite doelbewust chaos creëerde: ‘het is niet aan te raden ruzie te maken als je aan de rand van de afgrond staat.’ Niet veel later verlaagde Standard & Poor de kredietwaardigheid van de VS, voor het eerst in de geschiedenis.

De macht van het woord kan heel groot zijn in onzekere tijden. Mensen zoeken immers houvast. Soms weten ze wel dat de laatste strohalm afgebroken is en dat ze al op open zee drijven. Maar alleen al de woorden ‘hulp is onderweg’ kunnen voldoende zijn om nog lang te overleven. Het lijkt er nu op dat het moment waarop Amerika overboord is geslagen in 2008 lag en dat mensen nu beginnen te twijfelen of de beloofde hulp ooit komt. Vandaar de paniek.

Obama kan de truc echter nog wel een keer uithalen. Als inspirerende woorden een laatste hoop zijn, dan kunnen die zelfs nog effect sorteren op het moment dat je al kopje onder aan het gaan bent. Maar met termen als ‘revenue enhancements’ in plaats van belastingverhoging voor de rijken, of ‘entitlement cuts’ in plaats van bezuinigingen op pensioenen en andere uitkeringen waar mensen decennialang hard voor gewerkt hebben, is dat weinig inspirerend.

Maar woorden zijn niet meer voldoende. Wat valt Obama te verwijten? Natuurlijk dat hij management by speech nauwelijks meer probeert. Maar vooral dat hij te lang wacht met het nemen van besluiten. Dat hij de Republikeinen en de Tea Party teveel ruimte geeft, ook al hebben ze een meerderheid in het Huis van Afgevaardigden. Dat hij teveel mogelijke kiezers voor 2012 probeert te ‘pleasen’ met woorden die in focusgroepen zijn getest. Af en toe moet ik wat dat betreft denken aan een uitspraak van de Franse politicus Alexandre Auguste Ledru-Rollin: ‘Daar gaat mijn volk, ik moet er achter komen waar ze naartoe gaan, zodat ik hen kan leiden.’ Obama moet gewoon leiden. In woord én daad.

Kirsten Verdel (voormalig stafmedewerker Barack Obama, senior adviseur bij Dröge & van Drimmelen)
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Thursday, 30 Jun 2011 11:31
Dit artikel verscheen in juli 2011 in Lokaal Bestuur.
Geschreven door: Kirsten Verdel en Chris Mast

Ruim een jaar geleden maakte de PVV haar entree in de lokale politiek. Zij veroverde tien zetels in de gemeenteraad van Almere en acht in Den Haag. In Almere ontpopte PvdA-wethouder Adri Duivesteijn zich tot de voornaamste criticus van het optreden van de PVV in de raadzaal. Reden voor Lokaal Bestuur om hem aan tafel te brengen met zijn voormalige collega in de Tweede Kamer Jeltje van Nieuwenhoven, nu fractievoorzitter in Den Haag.

Hoe je het ook wendt of keert: in de landelijke en provinciale politiek heeft de PVV vaste voet aan de grond. In de lokale politiek is dat anders. Almere en Den Haag waren uiteindelijk de enige steden waar die partij deel nam aan de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2010. Een kwart van de kiezers in Almere gaf zijn stem aan de PVV: met tien zetels in een raad van 39 is die partij daar de grootste. In Den Haag kwam de PVV op acht zetels in een raad van 45. De PvdA bleef daar de grootste partij met tien zetels. In beide steden kwamen serieuze onderhandelingen over de deelname van de PVV aan het college van B&W; niet van de grond. Formeel breukpunt was het door de PVV geëiste hoofddoekjesverbod voor ambtenaren. In beide steden trad een identieke coalitie aan van PvdA, VVD, D66 en het CDA(/CU). In beide steden is de PVV de belangrijkste oppositiepartij. Van Nieuwenhoven gaat journalisten die haar iets over de PVV willen vragen uit de weg en had toen we haar om dit interview vroegen dan ook haar bedenkingen: ‘Begint het CLB nu ook al?’ Duivesteijn draagt zijn ideeën over hoe de PVV moet worden bestreden graag uit. Om die reden stelde hij zich ook verkiesbaar voor de Eerste Kamer, maar hij zag een zetel aan zich voorbijgaan doordat Janny Vlietstra met steun van de noordelijke provincies werd gekozen. Wat de PVV betreft heeft Duivesteijn een woord van troost voor zijn collega’s in het land: ‘Andere gemeenten mogen blij zijn dat Wilders alleen voor Almere en Den Haag heeft gekozen, want de politieke cultuur in onze gemeenteraad is echt dramatisch veranderd en dat zeg ik zonder enige vorm van overdrijving.’

Hebben jullie het idee dat Wilders nog naar méér dan alleen het electoraat keek bij zijn besluit om in Den Haag en Almere mee te doen?
Jeltje: ‘Beide gemeenten hebben VVD-burgemeesters waar Wilders een hekel aan had. In Den Haag Jozias van Aartsen, die als fractievoorzitter Wilders uit de VVD-fractie heeft gezet. En in Almere Annemarie Jorritsma, die een andere VVD representeerde dan die van Wilders.’
Adri: ‘Veel van wat de PVV doet komt voort uit rancune. Er zit een enorme agressie in die partij. Wilders feliciteerde op 1 mei de PvdA met het 65-jarig bestaan. Hij sprak toen van de ‘PvdArabieren’ en verweet de PvdA massa-immigratie. Maar in de periode van de immigratie bestuurden de toenmalige varianten van het CDA en de VVD het land. De PvdA mócht toen niet eens aan de bak komen. Wilders vervalst de geschiedenis.’

Is de PVV in de raad milder geworden?
Jeltje: ‘Vanaf het moment dat het landelijk gedoogakkoord werd getekend, zijn ze bij ons niet meer zo agressief. Af en toe gedragen ze zich zelfs salonfähig. Wel vreemd: vier raadsleden zijn vertrokken omdat ze ook op de lijst voor de Tweede Kamer kwamen: Wilders, Fritsma, Gerbrands en Dille. Willie Dille was vroeger verpleegster, als raadslid stelde ze voortdurend vragen over zorg. Sinds zij weg is, worden er ook geen vragen meer over dat onderwerp gesteld. Alles is ad hoc. Bij sommige commissievergaderingen verschijnt de PVV in het geheel niet. En als ze er wel zijn… Half april hadden we een debat over een ruimte voor gebed. Een PVV-raadslid zei toen dat het een schande is dat een synagoge is omgebouwd tot moskee. Ik ben daar juist zó trots op, dat dat hier mogelijk is. Ik vond het fantastisch. Maar wat het onderwerp ook is: ze luisteren niet eens, gaan niet in op wat er wordt gezegd. Ze leveren alleen hun eigen standpunten af en dat is het.’
Adri: ‘Bij ons was er geen markeermoment. Ze zijn niet milder geworden.’
Jeltje: ‘Jullie zitten ook verder van het regeringscentrum.’
Adri: ‘Ja, maar in Almere zijn we wel in alles afhankelijk van het kabinet, met de schaalsprong die we moeten maken. De lokale PVV distantieert zich echter van de groei van de stad, omdat er dan naar hun zeggen ook niet-Almeerders komen. Ze wonen er zelf net! Almere bestaat alleen maar uit nieuwkomers. En het is ook inconsequent: het landelijke PVV-standpunt is juist pro groei.’
Jeltje: ‘De discussie bij ons over de verzelfstandiging van de HTM (Haagse Tramweg Maatschappij, red.) is daar ook een fantastisch voorbeeld van. De PVV was eerst tegen verkoop, maar na het tekenen van het gedoogakkoord was men ineens wel voor verdergaande marktwerking. Wat een draai!’
Adri: ‘Het is opportunisme.’
Jeltje: ‘Het kan ze gewoon niks schelen.’
Adri: ‘Een populistische beweging kenmerkt zich door zich elke dag aan te passen aan datgene wat ze veronderstellen wat de massa vindt. De standpunten van de PVV zijn gebaseerd op onvrede en op het aanwakkeren van onvrede.’

Hoe moet je daar dan mee omgaan?
Jeltje: ‘We zijn nog steeds zoekende. Het stellen van directe vragen helpt. Daar hebben ze vaak geen antwoord op. Maar dat valt alleen die mensen op die de commissievergaderingen volgen en zien dat de PVV zich in allerlei bochten moet wringen omdat hun standpunten niet logisch zijn of niet op feiten berusten. In de krant vind je daar niets van terug. De media vinden dat niet spannend genoeg.’
Adri: ‘De belangstelling van de media is enorm verschraald. Toen ik wethouder was in Den Haag waren er vijf redactionele commentaren in vijf verschillende kranten. Er was strijd tussen die kranten. Democratische controle bestond alleen al door het feit dat er veel media waren. Maar de hele lokale pers is in elkaar gedonderd. Je ziet dus dat wat er in de raad gebeurt nauwelijks of niet doordringt tot de stad. Alleen relletjes krijgen aandacht. Het wegvallen van lokale media is een probleem voor de kwaliteit van de democratie. Een oplossing is te investeren in verbreding van lokale media.’
Jeltje: ‘Een voorbeeld: laatst was er een commissievergadering over het politiejaarverslag, waar ook de burgemeester verantwoording moest afleggen. PVV-raadslid Van Doorn vond het optreden van de burgemeester schandelijk, maar hij had de cijfers verkeerd gelezen. Daar werd hij voorzichtig op attent gemaakt, waarna alle fracties hem vragen gingen stellen. Je zag de niet-PVV’ers toen denken: ''We hebben beet''. Maar in plaats van dat hij zijn verontschuldigingen aanbood, liep Van Doorn toen boos weg. Dat noem ik onmacht. Het enige wat helpt tegen het verhaal van de PVV is steeds je eigen verhaal er tegenover stellen. Inhoud, inhoud, inhoud.’
Adri: ‘En dat eigen verhaal moet natuurlijk scherper.’

Kun je of moet je de PVV negeren?
Adri: ‘Nee, daar heeft de PVV een te groot maatschappelijk draagvlak voor. Voor het eerst krijgen we nu in Nederland te maken met het feit dat twintig procent van de kiezers naar een reactionaire partij gaat. Ik zeg al heel lang dat dat mogelijk is als er sprake is van een talentvolle lijsttrekker. Dat is met Fortuyn en Wilders ook gewoon gebeurd.’
Jeltje: ‘Dat ben ik helemaal met je eens.’
Adri: ‘We verschillen niets met België en Frankrijk. Twintig procent van het electoraat heeft een onderbuik. Je moet dus inderdaad je eigen verhaal vertellen. Hoe sterk je eigen verhaal is, dat is dus de vraag. Onder invloed van Wouter Bos en René Cuperus (WBS-medewerker en schrijver van een boek over het populisme, red.) deed in de PvdA lang de opinie opgeld, dat als je tegen die onderbuik aanwrijft, je die kiezer wel terug krijgt.’
Jeltje: ‘Daar ben ik het nooit mee eens geweest.’
Adri: ‘Het ís ook niet zo. Je moet een fundamenteel alternatief bieden. Op dat punt moet je juist op hele markante momenten stelling nemen. Het hoort niet bij de PvdA om te generaliseren, te diskwalificeren en te stigmatiseren. Wij staan voor de nuance, zijn bereid inhoud te geven aan de complexiteit van samenleven.’

Is de PVV een gesloten blok in Almere en Den Haag?
Adri: ‘Nee, maar ze worden wel centraal geleid. Er zijn hele sterke centrale directieven. Individuele raadsleden hebben geen vrijheid van spreken bij de Partij voor de Vrijheid.’
Jeltje: ‘Ze lezen in de eerste termijn iets voor en dat is het dan. Ze hebben zelden een tweede termijn.’
Adri: ‘Ze zullen ook niet met je in debat gaan en wat je zegt heeft geen invloed. Ze gaan er in met een standpunt en komen er met hetzelfde standpunt ook weer uit. Ze debatteren met de vingers in de oren. In Almere hebben ze nog nooit hun standpunt gewijzigd naar aanleiding van het debat. De hardheid van de leiding, die is voor Nederlandse begrippen ongekend fors.’
Jeltje: ‘Zeker voor het gemeentelijk niveau. Maar bij ons is het wel ietsje anders. Onze PVV-gemeenteraadsleden zijn bijna allemaal fractiemedewerkers op het Binnenhof. Ze zijn het spel iets meer gewend.’
Adri: ‘Er was altijd consensus over wat algemeen belang was in Almere. Die unanimiteit bestaat niet meer. Er is nu een partij die met iedereen ruzie heeft, altijd het conflict opzoekt, de PVV. Ze zetten zich voortdurend af tegen ‘de elite’, ze zoeken structureel naar vijanden. Het enige antwoord dat we daarop hebben is dat je het serieus neemt en dat je ze ontmaskert, dat je onthult.’
Jeltje: ‘Maar wat als mensen dat niet kan schelen? Dat Wilders draait, maakt mensen niet uit. In Nederland is onvrede heel lang niet vertegenwoordigd geweest.’
Adri: ‘Het ligt ook niet aan een gebrek aan kennis. Meer onderwijs is niet de oplossing. PVV-kamerlid De Roon is nota bene advocaat-generaal geweest bij het OM. Maar ook de gewone mensen die op de PVV stemmen hebben goed onderwijs gehad. We hebben een relatief hoge standaard in Nederland. Onderwijs is niet het probleem, een gebrek aan emancipatie wel.’

Maar hun aanpak lijkt wel effectief te zijn, de PVV wint elke verkiezingen meer zetels.
Jeltje: ‘Als raadslid heb je de taak om met oplossingen te komen. Dat is een moreel oordeel over hoe je politicus moet zijn, maar je bent toch volksvertegenwoordiger, je hebt toch ideeën en idealen?’
Adri: ‘De PVV is een antidemocratische beweging die via de democratie aan de macht wil komen. Ze zijn niet geïnteresseerd in het besturen van de stad maar in het creëren van disorder, van chaos, zich richten tegen de elite. Het is nog steeds niet uitgekristalliseerd wat ze daarmee willen bereiken.’
Jeltje: ‘Vind jij de PVV racistisch?’
Adri: ‘In de onderbuik zijn ze dat zeker ja. Wilders speelt heel vakkundig in op een basale angst voor vreemdelingen, vooral zij die islamitisch zijn.’
Jeltje: ‘Dat ben ik met je eens.’
Adri: ‘In Scandinavische landen is een partij als de PVV normaal. Voor een deel hoort het bij een democratie. De dominantie van het adagium vrede-veiligheid is weg, we hebben al heel lang vrijheid. We hebben een patroon van waarden en normen neergelegd en die moraliteit heeft zich nu omgedraaid. We moeten leren leven met een partij als de PVV in het stelsel. Het ís niet normaal, maar het hoort erbij.’
Jeltje: ‘Jij zegt dat die twintig procent tot nu toe in andere partijen heeft gezeten.’
Adri: ‘Of ze hebben zich stilgehouden.’

Adri, welke gevolgen hebben je Volkskrant-artikelen gehad waarin je dit soort kritiek uitte?
Adri: ‘Het heeft mijn verhouding tot de PVV geen goed gedaan, maar dat interesseert me ook helemaal niks. Maar ze zullen er nooit een debat over aangaan. Ik vind ook niet dat we PVV-kiezers moeten proberen binnen te halen. De afstand tussen ons en hen is heel groot. Het verhaal van “het zijn onze kiezers” is mij te gemakkelijk. Voor een deel is het ook gewoon beschaving. Ik investeer liever in mensen die gemotiveerd voor de PvdA kunnen zijn.’

Is er informeel contact met PVV’ers?
Adri: ‘Bij ons is er nul contact. Na de vergadering gaan ze massaal weg. Ze praten in het openbaar zelden met andere raadsleden. Er is altijd een borrel na de vergadering maar ze verschijnen daar nooit. Daar kiezen ze bewust voor. Iedere vorm van betrokkenheid ontbreekt. Ze zijn nog voor de presentatie van de voorjaarsnota massaal weggelopen uit de vergadering.’
Jeltje: ‘Bij ons zijn ze iets toegankelijker. Maar ze komen niet naar de nieuwjaarsreceptie, terwijl die voor elke Hagenaar toegankelijk is. Ze praten wel in de koffiekamer. Dat komt ook door hun achtergrond als beleidsmedewerker van de Tweede Kamerfractie, maar dat betekent verder niets voor hun benadering van de inhoud van het beleid.’
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 14 Jun 2011 18:03
Gisteren heb ik meegedaan aan de Fietselfstedentocht, die dit jaar voor de 99e keer werd georganiseerd. Vanuit Bolsward in de vorm van een 8 ruim 230 kilometer fietsen in een gevecht tegen de elementen en een totaal gebrek aan conditie (en training).. Ik heb uitgebreid verslag gedaan op Twitter en dacht dat het in het kader van experimentele blogs wel eens leuk was om gewoon mijn tweets hieronder te zetten...

maandag 13 juni 2011 6:13:03
Onderweg van Leeuwarden (auto) naar Bolsward voor de start vd fietselfstedentocht. Het regent keihard... en t waait... :/ 07:00 start

maandag 13 juni 2011 7:02:14
Startfoto van ons alle zes! We mogen pas 07:08 weg. #fietselfstedentocht wish us luck... http://yfrog.com/h2exglvj

maandag 13 juni 2011 7:15:44
We moeten serieus klunen eerst nu!! #fietselfstedentocht http://yfrog.com/gza77mbj http://yfrog.com/khdwjbj

maandag 13 juni 2011 8:35:07
29km. Het hoost de hele weg al. Doorweekt.

maandag 13 juni 2011 10:07:40
67km. Ging harder regenen. Verkleumd. Kan nauwelijks typen. Nu net droog. Deel vd groep praat over opgeven. Ik niet. #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 10:26:41
Valpartij. Ronald ging net onderuit. Zijn fiets lijkt stuk...

maandag 13 juni 2011 11:32:59
92km. Ring uit balhoofd fiets Ronald. Maar ok. George ook gevallen. Harde tegenwind. Nu: http://yfrog.com/h2j3vysj #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 11:38:25
We proberen nu fiets Ronald te repareren: http://yfrog.com/kgyawyj http://yfrog.com/ke45234731j #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 11:39:28
@wimijpelaar net weer regen. Nu droog. Fiets gefixed. We gaan weer. http://yfrog.com/ki1kjpj

maandag 13 juni 2011 12:10:37
103km. Charles lost veel. Ronald en George net ook. Ik reed net juist vd groep weg. Vermaak me wel. Wel verzuurd. #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 12:12:32
Net gestempeld in Leeuwarden. Zien de gekste tandems. Duo naast elkaar, eentje met de rug naar elkaar toe juist, etc. Maf. Grappig.

maandag 13 juni 2011 13:44:10
136km. Over de helft. Bijna zes uur onderweg. Net iem zien liggen die er erg slecht uitzag, buiten bewustzijn. :/

maandag 13 juni 2011 14:08:15
We eten even een patatje, want er liggen wat mensen verrrr achter.

maandag 13 juni 2011 14:14:16
Mijn patatje is op en ze zijn er nog niet.. Wel bijna. Hoor net dat meer dan 1500 mensen überhaupt niet gestart zijn ivm slechte weer.

maandag 13 juni 2011 14:24:37
Is t een beetje te zien hoe vies mn fiets is (en mijn kleren dus ook?) http://yfrog.com/kkoztbj #regen #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 15:09:21
Tussen de laatste 2 stempelposten heb ik álle vijf de mannen gelost, hihi. Ik wacht al vijf min :) #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 15:10:29
De bizarre tandem waar ik t over had :) http://yfrog.com/kjgymhj

maandag 13 juni 2011 16:20:41
170 km. Pas 1 liter gedronken na 150km. Stempelkaart is stuk: http://yfrog.com/h47q6cuj #fietselfstedentocht endebrugstondopen!

maandag 13 juni 2011 16:23:15
Ik ben nu echt wel stuk. Nog 70km. Dat klinkt ineens extreeeeeem ver. Help... :/

maandag 13 juni 2011 16:26:19
Ik heb overigens nog geen één keer geschakeld in de hele rit. Alles in één versnelling. Wachten nu alweer vijf min op de achterblijvers.

maandag 13 juni 2011 17:10:08
183km nu. Het hoost weer. Niets wordt ons gespaard geloof ik! En... Ruim 120km tegenwind gehad... nog steeds.. :/ #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 17:11:42
Oh enne.. au au au au au au au au au au au au au au au au au au au au au au au au ...

maandag 13 juni 2011 17:53:23
199km. Het is niet zo leuk meer. De pijn is 'best erg'. Nu ook last van mn linkerknie en er wordt harddd gereden. #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 18:20:23
208km. Net een stuk 36 p/u gereden. Absurd. Het is wel weer droog. Nog 1 of 2 stempelposten... Laatste loodjes. Zwaarrr #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 18:22:13
Pico is net gevallen. Hand opengehaald. Derde van de zes die is gevallen..!! Lekkere omstandigheden. Glad, nat, wind.. #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 18:35:04
216km. Nog één stempelpost. Henkjan en Pico crossten net vooruit. Maar even laten gaan. WE ZIJN ER BIJNA!! #fietselfstedentocht

maandag 13 juni 2011 19:15:00
230 km. We zijn er!!!! Na ruim 12 uur onderweg, pfff..Elfstedentocht, ongetraind en in één versnelling! Nu laatste stempel en kruisje halen.

maandag 13 juni 2011 19:17:06
Gegeten: 2 bekertjes soep. 1 mars. 3 broodjes kaas. 2 ontbijtkoeken. 1 patat oorlog. 2 liter water/aquarius. 6 dextro tabletjes. Dat was t?

maandag 13 juni 2011 19:22:47
Kijk dit eens!!!!! http://yfrog.com/kg9rvvj

Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Sunday, 12 Jun 2011 12:01
Ik zie dat ik na mijn terugkomst uit de VS niet meer geblogd heb eigenlijk. Even een korte update dan. Ik ben voor het eerst in tijden weer eens op mijn racefiets gestapt na mijn terugkomst. Dat heb ik geweten ook, want mijn benen waren letterlijk na drie kilometer al verzuurd. 50 km gefietst met een absurd laag gemiddelde van 26,5km per uur. Ik schaamde me dood... en vreesde het ergste, want het is de bedoeling dat ik op tweede pinksterdag meedoe aan de Fietselfstedentocht. Die is 240km. Ik heb volgens mij nog nooit meer dan 125km op een dag gefietst. En toen had ik wél getraind...

Na de werkweek in Nederland vertrok ik in het weekend alweer: dit keer naar Rhodos, een van de Griekse eilanden. Met de jetlag van Amerika eigenlijk nog een beetje in mijn systeem en een opsta-tijd om naar Schiphol te gaan van 03:30 uur viel ik na aankomst in het hotel rond het middaguur zowaar in slaap. Ik wilde slechts 20 minuten slapen en dan Rhodos-stad ingaan, maar werd pas uren later wakker. Mijn eerste dag in Griekenland was zodoende een beetje verloren. Op de tweede en derde dag ging ik duiken. Ik wilde mijn advanced open water brevet (PADI) halen en moest dus vijf duiken maken in het strakblauwe water van Rhodos. Deep diving, navigation, fish awareness, peak buoyancy control en search and recovery jaagde ik er in twee dagen doorheen. Leuke duiken en brevet gehaald!

Op alweer mijn laatste dag in Griekenland huurde ik een motor. Spotgoedkoop was dat: 34 EUR voor de daghuur en 21 EUR aan genoeg benzine om het hele eiland rond te rijden (224km). Het was supermooi weer en de tocht was dan ook heerlijk. Wel een beetje gevaarlijk ook, want in Griekenland doen ze praktisch niets aan veiligheid. Het gros van de motorrijders rijdt zelfs zonder helm rond. Niemand rijdt in beschermende kleding. Zelfs geen handschoenen. Ik kreeg gelukkig wel een helm, maar die voldeed bepaald niet aan de normen die wij kennen en hij dateerde uit 1995. De beschermende werking houdt na vijf jaar al op, dus de helm was meer voor de sier dan voor de bescherming zeg maar. Ach ja... er gebeurde gelukkig niets, ook al bleek de voorrem het nauwelijks te doen. :)

Zondagnacht kwam ik weer terug in Nederland en de volgende ochtend kon ik meteen weer aan het werk. Een drukke dag met een leuke afsluiting: de jaarlijkse theateravond van Dröge & van Drimmelen (waar ik werk) was die avond immers, die ik mede georganiseerd had. Het was een drukke avond met een fantastisch optreden van het Nederlands Dans Theater II en een feest der herkenning qua gasten. Gezellig gezeten met Maarten, Floris, Dirk, Ger, Marijke etc. Echt heel erg moe was ik na afloop ondanks al het gereis en de weinige slaap niet eens.

Later in de week vooral veel geprobeerd motor te rijden, onder andere met Floris de Westfriese zeedijk afgereden, om mijn bochtentechniek een beetje te verbeteren. Leuk stukje weg!! In het weekend niet eens naar het buitenland geweest, haha. Wel met Floris naar een trainersdag van de Alfred Mozer Stichting, waarvoor ik wel eens trainingen geef in landen als Azerbeidzjan, Georgië en Albanië. Uiteraard ook weer wat films gezien de afgelopen weken, zoals Tree of Life (6), Fast & Furious 5 (7) en X-Men First Class (7). Beetje weinig in zoveel dagen... maar er draait dan ook weinig wat ik nog niet gezien heb. Los van deze zaken ook nog een keer gefietst, veel afspraken gehad, aan het strand gezeten en gegeten, website gelanceerd, netwerkbijeenkomst BBE geweest, fietsonderhoud geregeld, en ach.. nog tig dingen.

Vandaag, eerste Pinksterdag, ben ik even wat puntjes op i's aan het zetten en aan het eind van de dag rijd ik dan naar Leeuwarden, alwaar ik bij de schoonouders van Henkjan overnacht. Morgen staat immers de eerdergenoemde fietselfstedentocht op de agenda...... 240km. Help!! :)
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 31 May 2011 23:04
Ik heb een aantal wethouders en burgemeesters geïnterviewd over hun Twittergebruik, waaronder Fatima Elatik, Rinda den Besten en de kersverse nieuwe wethouder in Rotterdam Marco Florijn. Zie hier voor de tekst. Zelfs cover van het blad. :)

Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Sunday, 29 May 2011 23:04
Ik heb zoals altijd braaf voor 1 april aangifte gedaan. Ik moest geld betalen aan de Belastingdienst. Ik heb direct gebeld en gevraagd of ik dat alvast over kon maken, nog voordat ik een (voorlopige) aanslag zou krijgen. Dat was onmogelijk zolang er nog geen nummer aan de aanslag was toegekend. In mei belde ik weer terug: er was nog steeds geen nummer toegekend, dus ik mócht nog steeds niet betalen. Inmiddels ben ik terug uit de VS en ligt de voorlopige aanslag er, waarop doodleuk 222 EUR heffingsrente in rekening wordt gebracht voor de periode vanaf 1 januari tot nu. Ik moet die rente dus betalen, terwijl ik dat niet mag voorkomen omdat ik niet vooruit mag betalen. Wat is dat voor belachelijke regel? Ze zeggen dat ik voor 1 juli mijn aanslag moet betalen, kunnen ze het dan niet gewoon zo in de wet regelen dat je pas vanaf 1 juli -als je dan nog niet betaald hebt- eventueel heffingsrente verschuldigd bent? Dat is toch veel eerlijker? Nu is het gewoon legale diefstal. Door de overheid. Bah.
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Sunday, 29 May 2011 21:22
Na de laatste dag op Harvard stapte ik met al mijn bagage de bioscoop in: Pirates of the Carribean kijken. Niet veel later arriveerden Edmond en Robin in Boston. Ik zat inmiddels bij Colin Eckert thuis, onze couchsurfhost voor onze twee nachten in Boston. We hadden welgeteld één dag om Boston te zien voordat we door zouden reizen naar New York. Dat werd dus een supersnelle tour: langs het Boston Legal gebouw lopen, uitzicht over de stad vanuit de Prudential Tower, even naar de bibliotheek, de Apple Store, de haven bij Haymarket en een rondje over het Harvard terrein om ten slotte wederom bij een bioscoop uit te komen waar we in een zaal met welgeteld 14 stoelen (hele relaxte stoelen) naar The Greatest Movie Ever Sold keken, van Morgan Spurlock die de meeste mensen vooral zullen kennen van Supersize Me. Gek genoeg doet The Greatest Movie Ever Sold het heel slecht in de VS qua bezoekersaantallen, terwijl ik het een behoorlijk onderhoudende documentaire over de product placement industrie in Hollywood films en series vond. Jammer...

De volgende ochtend ging ik even hardlopen over een aantal flink steile heuvels. Aansluitend meteen de bus in naar New York. Daar kwamen we aan het eind van de middag pas aan. We brachten onze spullen naar onze couchsurfhost Steve Weiner, waarna we even een rondje zuid-Manhattan deden: Battery Park, Ground Zero (wat negen jaar na 9/11 nog steeds een grote bouwput is) en Wall Street. Pal om de hoek bij Wall Street liepen we tegen een batterij camerawagens aan, die voor de deur van het pand bivakkeerden waar Dominique Strauss-Kahn met huisarrest zat. Dat was ineens een toeristische attractie geworden. Tja... Via het World Financial Center (groot gebouw met gigantische palmbomen in de hal gingen we door naar restaurant Les Halles en uiteindelijk terug naar Steve.

De eerste ochtend in New York begonnen we precies zoals ik had gehoopt: met de beroemde bagels met zalm en roomkaas van Steve, die ik bij voorgaande bezoeken aan Gotham City ook al had gegeten. Heerlijk vers, geweldig eten. Steve is een held! Aansluitend stelde hij voor dat hij ons een wandeltour door de West Village van Manhattan zou geven. Daar zeiden we natuurlijk geen nee tegen. Hij liet ons het huis van Supreme Court Judge Sotomayor zien, die om de hoek bleek te wonen. Ook het nieuwe, net aangekochte Google gebouw stond vlakbij. 1,7 miljard dollar had Google daar voor neergeteld! De Highline was het volgende: een oud trein/tramspoor dat dwars door (!) gebouwen heen gaat. De stad New York heeft dat net tot toeristische gelegenheid uitgebouwd, waar je nu onderdoor kunt lopen. Erg leuk! Chelsea Market was het sluitstuk van de wandeltour. Aansluitend naar het Museum of Modern Art (MoMa), Times Square, het Bubba Gump restaurant en Brooklyn Bridge. Vlakbij Times Square maakten we nog een bizar incident mee: we wilden de straat oversteken maar konden niet zien of het licht al op groen stond, omdat daar een grote bus voor was gaan staan. Omdat de hele massa mensen ineens over ging steken, dachten we dat het licht op groen stond en dus liepen we mee. Ineens kwam er een aantal agenten om de hoek van de bus die geïrriteerd reageerden dat we toch door rood liepen (ik zag het licht op rood staan inmiddels) en ze riepen: GET BACK! GET BACK! Voordat ik de kans kreeg om terug te lopen hoorde ik ineens geknetter en ik zag de draden en het licht van een tasergun rakelings langs me heen gaan. Ik schrok me te pletter en mijn adrenalineniveau knalde meteen door het dak. Een man vlak voor ons werd ineens tegen de grond gewerkt door maar liefst negen politie-agenten. De tasergun was op hem gericht geweest. Ik filmde de nasleep van het incident. Het was echt bizar, ging nergens over... Mijn ervaring met de politie in New York was al slecht na mijn rechtszaak in 2008, dus dit kon er ook nog wel bij.... We sloten de dag weer af met een film: Hobo With A Shotgun, een grindhouse film met Rutger Hauer in de hoofdrol. Extreem over the top. Beetje te bloederig zeg maar. Tja.

24 mei pakten we de veerpont naar Staten Island, om een mooi uitzicht op de skyline van New York te hebben. Via het Metropolitan Museum eindigden we daarna op Fifth Avenue, waar familie van Edmond bleek te wonen. Een vrouw genaamd Susan van der Linde had daar een hoedenzaak. Zij maakt onder andere hoeden voor Oprah Winfrey en ze vertelde hoe Oprah haar zelf ooit belde. Toen ze even naar adem hapte nadat ze realiseerde Oprah aan de lijn te hebben en geen woord meer kon zeggen zei Oprah: 'That's okay, I'll wait.' Ze was het gewend dat mensen nogal overstuur raakten als ze haar ineens aan de lijn hadden. Grappig. Ik kreeg van Susan zelf een aantal hoedjes aangemeten, omdat ze mijn kapsel helemaal geweldig vond (...) en graag een en ander wilde proberen. Niet dat ze dacht dat ik iets wilde kopen, want haar klantenbestand bestaat echt alleen uit 'society' en met een prijs van 1000 dollar per hoedje... laat maar.. haha. Na het hoedenbezoek gingen we omhoog bij het Empire State Building voor het prachtige uitzicht op de stad. Daarna weer Times Square, eten op de restaurant Row en terug naar Steve.

De laatste dag in New York alweer: dit keer naar Coney Island, het strand (!) van New York. Het was er erg rustig en het pretpark dat aan het strand ligt was nog dicht. Nathan's bleek daar ook te zitten, het restaurant waar elk jaar de hotdog eetwedstrijd wordt gehouden. In 1988 at de winnaar 17 hotdogs (in een uur geloof ik?), het record staat inmiddels op 68. Krankzinnig... Na het strandbezoek terug naar de stad: op Broadway naar Spiderman de musical, die matig was. Niet slecht, niet goed, gewoon gewoon. En huppa, meteen weer door: naar Washington DC.

Nadat we laat bij Ranajoy waren aangekomen in DC, onze couchsurfhost voor de laatste drie nachten, togen we de volgende ochtend meteen naar het Pentagon waar ik door een hoge official die ik op Harvard had leren kennen was uitgenodigd. Robin en Edmond mochten ook mee. De rondleiding door het Pentagon begon bij de ingang, waar vorig jaar een of andere idioot 2 bewakers neer had geschoten. Hij was daarvoor speciaal uit California naar DC komen rijden. De bewakers overleefden het gelukkig. Het kogelgat zat nog in de deur. De beveiliging van het Pentagon was sindsdien aangescherpt. Er werken 23.000 mensen in het vijfhoekige gebouw, wat van binnen echt een soort stad is, met restaurants, winkels, alles erop en eraan. We gingen onder andere de press briefing ruimte in en liepen langs het kantoor van Robert Gates, de minister van Defensie. Die kwam net naar buiten. Hij was maar klein, zo viel me op... Na de rondleiding door naar The Mall voor alle memorials en het Witte Huis, waar Joe Biden toevallig net de deur uit kwam. Het veroorzaakte een flink oponthoud op de kruispunten. Om de gigantische hitte te ontwijken doken we het National Air and Space Museum in, wat altijd leuk is. Stukje van de maan aanraken enzo. Exacte kopie van de Hubble telescoop kijken. En natuurlijk... the Flyer... het eerste vliegtuig ooit, van de broertjes Wright. 's Avonds gingen we door naar... de bios: The Hangover 2, die best grappig was. Na afloop even aanbellen bij een oude vriend van me, Francis Kim, die thuis bleek te zijn. Enige alcohol later werden er vanaf de elfde verdieping waar hij woont papieren vliegtuigjes en groene soldaatjes met parachutes naar beneden gegooid. Moet ook gebeuren.

27 mei was alweer bijna de laatste dag. Dit keer werden we bij Arlington Cemetery opgewacht door weer een andere vriend van me, Dan Bronson. Op de militaire begraafplaats bezochten we de graven van de Kennedy's (nu ook het graf van Ted Kennedy erbij...), dat van de onbekende soldaat en toen we weer weg wilden gaan bleek er net een begrafenis van een jonge soldaat die in Afghanistan was omgekomen te zijn. Bijna elke dag is er wel zo'n begrafenis. Veel van de soldaten zijn in feite nog kinderen: 19 of 20 jaar oud. De vorige keer dat ik er was, in 2008, was er ook net een begrafenis bezig toen ik er was. Het blijft bizar. Na het bezoek aan de begraafplaats namen we de metro naar de Potomac River, waar we een paar uur gingen kajakken. Robin en Edmond solo in een kajak, ik samen met Dan. We voeren om Roosevelt Island heen, op zoek naar een plek om aan land te gaan. Na een paar mislukte pogingen waarbij we in het bos verdwaalden vonden we eindelijk toch een paadje wat naar het standbeeld van Teddy Roosevelt leidde. Onderweg kwamen we nog een hert tegen, net als de vorige keer dat ik er was. Na het tochtje over het water weer snel door naar Navy Yard, waar een openlucht concert was. Erg relaxed in het gras gezeten daar, tot we naar de openlucht bios wilden gaan die elders in de stad was. Toen we na 40 minuten de metro uit kwamen bleek het mooie weer echter ineens weg te zijn en het was gaan onweren. De filmvoorstelling was daarom afgelast, waardoor we in een sportsbar eindigden.

De laatste dag brak aan, waarop we samen met Ranajoy en Steve naar het RFK Stadium gingen, waar activiteiten in het kader van Rolling Thunder waren. Rolling Thunder is een 4-daags evenement waarbij in totaal zo'n 400.000 motorrijders (waarvan 99% Harleys!) naar DC komen om geld op te halen voor Walter Reid en andere organisaties die aan veteranen gelieerd zijn. Het hoogtepunt van Rolling Thunder maakten wij helaas niet meer mee: dat was namelijk op Memorial Day op 30 mei. Dan zouden alle motoren in grote optocht door de stad rijden. Wij moesten echter na de ochtend op de 28e al door naar Baltimore, waar we nog even aten in de haven en een tochtje met een speedboat maakten alvorens we richting Londen vlogen. Zondagmiddag om 15:30 uur weer op Schiphol. ZOveel gedaan, dat ik eigenlijk wel... aan vakantie toe ben!!!
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Friday, 20 May 2011 05:15
Een van de deelnemers aan het Leadership Program aan Harvard blijkt de trainer van Nelson Mandela's security detail te zijn geweest, toen Mandela pas net president was. Dat leverde deze week een interessante en leuke anecdote op. Hij vertelde namelijk dat het lastig is om de beveiliging van iemand als Mandela goed te regelen: een man die ruim 27 jaar in de gevangenis heeft gezeten vertel je namelijk niet wat hij wel en niet mag. En Mandela wilde nog wel eens buiten het geplande schema treden. Op een dag reed hij weg bij een officieel gepland bezoek. Buiten bij het hek stonden ongeveer 60 mensen die hadden gehoord dat Mandela binnen was. Hij liet de auto bij het hek stoppen, wat natuurlijk onmiddellijk stress opleverde voor de beveiligingsmensen. Hij ging toch niet zomaar met die mensen praten, terwijl ze geen idee hadden wat voor soort mensen zich tussen hen kon bevinden? Maar Mandela had vertrouwen en onze Harvard deelnemer werd zo getuige van een moment dat hij zelf nooit meer zal vergeten.

Terwijl Mandela in gesprek was met een paar mensen die vooraan bij het hek stonden, zag hij dat een zwarte vrouw die wat verder naar achter stond een traan wegveegde. Hij wees naar haar en vroeg haar: 'Madam, are you crying?' waarop de vrouw pas echt in tranen uitbarstte. Mandela liep naar haar toe en vroeg haar: 'Why are you crying?' Maar ze kon geen woord meer uitbrengen. Mandela sloeg zijn armen om haar heen. Er werd niets gezegd, maar hij was er voor haar. Heel simpel. De emotionele lading van de situatie was zo hoog, dat het ook voor enkele andere mensen even teveel werd. Eindelijk kon de vrouw weer iets zeggen: 'Thank you so much. It was such an honor to meet you Mr. Mandela,' sprak ze. 'No madam. Thank YOU. I am so glad to have met you,' reageerde Mandela. And he meant it, zo sloot mijn Harvard collega zijn verhaal af.

Het was een krachtig verhaal, ook door de manier waarop hij het vertelde, die -zo blijkt nu ik dit schrijf- lastig te vangen is in woorden die slechts op papier staan. Het verhaal werd tijdens het college echter meteen in de narrative van het programma gegoten, die van de case in point methode (google dat maar eens in combinatie met de naam Heifetz), waarbij direct in het klaslokaal wordt gereflecteerd op wat er zojuist is gebeurd of verteld en wat dat betekent. De verschillende perspectieven van betrokken actoren staan hierbij centraal. Een toevallig ook aanwezige Zuid-Afrikaanse deelnemer aan het programma zette de hele zaal op zijn kop door te stellen dat wat Mandela had gedaan helemaal geen 'random act of kindness' was geweest zoals de verteller dat had omschreven, maar een typisch voorbeeld van manipulatief gedrag waar Mandela wat hem betreft al heel lang bekend om stond. 'Mandela's political strategy was to put the concept of healing front and center. So that's why he hugged the woman. He didn't mean it at all.' Dat was nog eens een ander perspectief. Wat de waarheid was, maakte bij de case-in-point benadering niet uit: 'er zijn slechts verhalen. Dé waarheid bestaat niet.'

En zo hing eigenlijk de hele week aan elkaar van verhalen en eindeloze uitwisselingen over wat er nu net in de zaal was gebeurd. Dat levert bijzonder vreemde gesprekken op, kan ik je zeggen. Probeer maar eens te begrijpen wat er op dit adres staat, dan krijg je misschien een idee van het eindeloze evalueren van de evaluaties van de gesprekken die we in de zaal zelf hadden. De vraag: 'what just happened?' als iemand in de zaal opmerkte dat hij of zij bijvoorbeeld vond dat er te lang over een onderwerp werd gesproken is denk ik wel 50 keer langsgekomen. Om maar wat te noemen.

Maar laten we even terug gaan naar dag 5 van het programma. De dag waarop een van de deelnemers terug reisde naar Frankrijk, vanwege het gedoe met Dominique Strauss-Kahn. De vrouw van de Franse deelnemer is namelijk politica en had gemeld dat het echt chaotisch was in Frankrijk en dat ze hem nodig had. Het was een raar begin van de dag, om te horen dat er ineens iemand weg was. De ochtend vervolgde met een terugblik op het zingen van waarden dat we de vorige avond hadden gedaan. Althans, wat veel anderen hadden gedaan, ik vond het zelf te idioot voor woorden om dat te doen. Vandaag stelde ik mijn mening daar echter iets over bij, naar aanleiding van de discussie die we er in de groep over hadden. Veel mensen vertelden het absoluut onzinnig te hebben gevonden, terwijl het voor anderen een openbaring was geweest. Zij voelden dat door zoiets te doen ze echt iets in zichzelf overwonnen hadden. Zij hadden zoiets kennelijk juist nodig gehad. Een van hen bedankte ons ervoor dat wij in ieder geval hadden gerespecteerd dat zij wel meededen. Ik realiseerde me dat het mij wellicht niet vooruit had geholpen, maar anderen wel en daarmee dus ook de groep. En dat is wat je met case-in-point probeert te bereiken.

Ik bleef het echter moeilijk vinden, want hoe vertaalt een en ander zich nu uiteindelijk naar leiderschap? Dat bleef in de week vaak wat vaag. Ook daar werd dus uitgebreid over gesproken in de colleges.

Soms werden de colleges wel heel concreet. Of beter gezegd: werd er wel een scherper theoretisch kader geschetst. Zoals Robert Kegan, een werkelijk geweldige Harvard professor (wat kan die man vertellen!) die de verschillen tussen de instrumental, socialized, selt-authoring en self-transforming mind duidde. Kort door de bocht gezegd reageer je in een instrumentele 'state of mind' impulsief, werkt de socialized mind met verwachtingen van de omgeving, creëert de self-authoring mind een eigen 'belief system' en kan de self-transforming mind een stap achteruit zetten en het hele systeem overzien. De meeste mensen opereren voortdurend op het socialized mind niveau: zij voldoen aan de verwachtingen van hun omgeving en proberen niet om echt scherpe eigen overtuigingen te formuleren. Dat is een belangrijke realisatie als je mensen van iets probeert te overtuigen bijvoorbeeld. Ook een lastig concept om mee om te gaan.

De dagen bleven verder erg lang. Ruimte voor vrije tijd was er alleen 's avonds na het eten, wanneer iedereen eigenlijk al veel te moe was om nog iets te doen. Vanavond ben ik helemaal niet meer weg geweest, terwijl het nota bene de laatste avond is. Ik was simpelweg te moe. Eergisteravond gingen we bijvoorbeeld wel uit. Joh, ik dronk zelfs twee bier, wat veel is voor mijn doen. Erg gezellig feestje was het, en we waren laat thuis. Namelijk om 20:45 uur. Zo is deze week dus. Dat je dan echt he-le-maal op bent...

Vandaag was de laatste volle dag van het programma dus. 'Welcome to day 43 of our 8 day long journey', grapte de professor-van-dienst. Het voelde inderdaad alsof we al 43 dagen bezig waren. Iedereen was echt doodop, dat kon je goed merken. De emoties liepen snel hoog op. Soms te hoog. En echt heel scherp ben ik nu ik dit -om elf uur 's avonds- tik ook niet meer. Nog twee anecdotes wil ik kwijt, in nogal random order. Eerst nog een ander gesprek dat ik met iemand van Google had. Ik vroeg mij hardop af hoeveel sollicitaties ze nu eigenlijk hebben bij Google en waarop er dan wordt geselecteerd. De medewerkster vertelde me dat er per vacature vele duizenden sollicitaties zijn en dat ze een geautomatiseerd proces hebben waarbij voor de eerste selectie simpelweg wordt gekeken in welke cv's de namen van Ivy League scholen als Harvard, Yale en Stanford voorkomen. Als die er niet in staan, wordt het CV automatisch genegeerd. Althans, dat was tot voor kort het systeem. Tegenwoordig probeerde Google toch ook op een andere manier mensen te werven, zo werd mij verzekerd. Ik vond het nogal fascinerend. Ook bleek er een onderscheid te zijn bij Google tussen twee hoofdgroepen: engineering en de rest. De techneuten uit die eerste categorie mogen alles, doen alles, komen soms pas om elf uur binnen, lopen in welke kleding ze maar willen, etc. De rest, met name bestaande uit een gigantische sales-tak, zit strak in het pak en wordt op harde targets afgerekend. Een totaal andere mentaliteit binnen een en hetzelfde bedrijf. Ook fascinerend...

Dan de laatste anecdote, namelijk even een korte uitleg over wat ik vandaag samen met mijn 'practice teaching' partner heb gedaan in een van de kleinere groepen (12 mensen) waarmee we deze week af en toe uit elkaar moesten gaan om zelf voor de klas te staan. We besloten om een experiment uit te voeren op basis van de case-in-point methode, waarbij we op zoek gingen naar leiderschapstijlen. We vroegen alle 10 de mensen uit onze groep om elk 1 belangrijke waarde in hun hoofd te nemen die zij associeerden met leiderschap. Vervolgens deelden we de groep op in groepjes van twee, waarbij elke groep drie minuten de tijd kreeg om 1 van de 2 waarden (elke persoon immers 1) te kiezen die ze het belangrijkste van de twee vonden. Daarna kregen ze een ei waarop ze die waarde moesten schrijven. En een eetstokje, een paper cup, een schaar, twee stukjes plakband en een halve zakdoek. De opdracht die ze daarna kregen was: 'protect your value by protecting your egg. Make sure the egg does not break when you drop it whilst standing on a chair. Which you will have to do 10 minutes from now.' Met de gegeven instrumenten mochten ze proberen om een constructie te bedenken waardoor het ei niet kapot zou vallen. Het werd een geweldige excercitie, met ontwikkelingen die ik niet geheel verwacht had. Zo weigerde een van de groepen mee te doen aan het ontwikkelen van een constructie. Een andere groep probeerde samen te gaan werken met weer andere groepen. Ook weigerde een van de groepen uiteindelijk het ei te laten vallen, 'because I value the value I wrote down on it so much, that I really want to protect it. I will not drop it.' En zo waren er tal van andere zaken die het experiment erg interessant maakten. We gebruikten de case-in-point methode daarna om te bespreken wat er nu precies was gebeurd. Overigens braken vier van de eieren. Eentje overleefde de val.

Nu ja, dit blog wordt al weer veel te lang en het is hier al weer veel te laat. Op dit adres staan allemaal foto's van de afgelopen dagen. Morgenochtend zijn de laatste sessies, daarna heb ik eindelijk vrij. Nog 1,5 dag in Boston dan en vervolgens naar New York, DC en Baltimore. More to follow dus...
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 17 May 2011 05:00
Ik moet eerlijk zeggen dat ik een beetje verbaasd ben over een aantal van de deelnemers aan het Leadership Development Program aan Harvard. Er zijn 65 deelnemers, van over de hele wereld, die vrijwel allemaal een stuk ouder en meer ervaren zijn dan ik. Het zijn door de wol geverfde professionals die door hun bedrijven, universiteiten of organisaties naar Harvard zijn gestuurd om nog meer kennis op te doen over leiderschap. De top van het overheidsinstanties als het Pentagon en de FBI loopt hier rond, evenals afgevaardigden van topuniversiteiten als Vanderbilt in Zuid-Afrika en Indiana State University in Terra Haute en er zijn executives van bedrijven als Google, HSBC en Atos. Niet zomaar mensen dus. Maar het blijkt dat veel van hen zich geïntimideerd voelen door de groep. Ze vinden het eng om voor een groep van 'gelijken' te moeten staan of met hen in discussie te gaan. Veel van de conversaties in de 'klas' gaan daar dan ook over. Ik begrijp dat ergens wel, maar heb er zelf bepaald geen last van gelukkig. Waar ik meer problemen mee heb is de opzet van sommige onderdelen van het programma.

Zo eindigde de zeer lange colledag van vandaag (08:30 tot 20:30 uur!) met een sessie waarin twee mensen naar voren werden geroepen waarvan er een drie waarden in zijn hoofd moest nemen (bijvoorbeeld verantwoordelijkheid, integriteit en vertrouwen) en die woorden dan moest zingen naar de ander. Dus...

Ik ben een beetje allergisch voor dat soort dingen. Toen de zaal dus ineens in groepjes van twee personen hetzelfde moest gaan doen stelde ik mijn partner voor om The Sound Of Silence deel II op te gaan voeren. Daar ging hij maar al te graag mee akkoord, waarna we even foto's gingen kijken op mijn iPad en ik snel een filmpje maakte van de mensen die wél aan het zingen waren. Waarop de helft van hen die dat zag direct in lachen uitbarstte.

De dagen zijn dus lang en er wordt ook elke dag college gegeven. Vrij in het weekend was er dus niet bij. Nog geen 15% van de colleges bestaan uit het krijgen van informatie van de Harvard professoren (met name Ron Heifetz -een erg bijzondere man- en Marty Linsky). De rest van de tijd bestaat uit onderlinge discussies in de zaal. Die gaan soms werkelijk alle kanten op. Ik ving vanmiddag een flard van een gesprek op waarin werd gezegd 'Well, if I were a tomato..' en: 'I don't like dishonest lentils.' Wat ik qua inhoud van de eerste dagen vooral heb overgehouden is het verschil tussen technisch en adaptief leiderschap. Problemen die technisch van aard zijn, hebben een eenmalige (project)oplossing. Bijvoorbeeld: een medewerker heeft kennisgebrek over een programmeertaal. Oplossing: stuur hem of haar op een bijspijkercursus. Problemen waar echt leiderschap bij komt kijken zijn adaptief van aard. Zij kenmerken zich doordat er alleen een procesmatige oplossing is: je moet je aanpassen aan de steeds veranderende omstandigheden om tot een oplossing te kunnen komen. Bijvoorbeeld: een hele afdeling moet over naar een nieuwe werkmethode. Dat is niet te regelen door simpelweg de nieuwe methode te introduceren. Mensen zijn namelijk geneigd om te behouden wat ze al hadden en zullen (deels) in opstand komen. Ieder heeft andere belangen: de een vreest voor zijn baan, de ander krijgt andere taken die hij denkt niet uit te kunnen voeren, weer een ander werkt er al 20 jaar en gelooft niet in al die nieuwerwetse flauwekul... voordat je iedereen op een lijn hebt, ben je heel wat tijd en moeilijke stappen verder: 'People want you to solve problems with as little pain as possible for them. We have to challenge people's convictions at a rate they can stand.' Dan komt adaptief leiderschap dus om de hoek kijken. De basis daarvan is je er voortdurend van bewust te zijn dat je eigen belangen niet per se die van andere belanghebbenden zijn.

In de pauzes heb ik vaak leuke gesprekken. Eén van de Google executives vertelde me al 8,5 jaar bij Google te werken. Toen ze begon werkten er 700 mensen. Inmiddels zijn dat er 26.000, waarvan ongeveer de helft in Mountain View. De manier waarop ze beschreef hoe Google in die starttijd was deed me wel héél erg aan XS4ALL denken in de beginjaren. Ook een platte organisatie, waarin iedereen kon doen wat hij wilde en waar je soms zonder enige ervaring met een bepaalde tak daar toch aan begon, simpelweg omdat er iemand nodig was. Erg leuk om te horen.

Een ander boeiend gesprek dat ik had was met een van de topmedewerkers van het Pentagon, toevalligerwijs ook een vrouw. Zij werkte al 26 jaar bij de federale overheid en zat nu in de 1-na-hoogste schaal bij het Pentagon. Haar man was lid van het korps mariniers, dus haar hele leven stond in het teken van het leger. Mijn eerste indruk van haar, toen ik haar alleen nog maar gezien en nog niet gesproken had, was dat ze heel streng en afstandelijk was. Dat had ik helemaal mis. Ze bleek erg open en gezellig te zijn en terwijl ik jaloers was op het werk wat zij deed, was zij jaloers op hoe mijn leven de afgelopen tien jaar was geweest. Een andere (oudere) vrouw uit het gezelschap had dat kennelijk ook al, want zij kwam vanavond op me af en zei: 'I wanna be you when I get younger.' En ik de hele tijd maar denken: 'goh, wat doen jullie leuke dingen.' :)

Een laatste boeiend gesprek had ik met iemand van de FBI. Hij gaf een opvallend openhartig kijkje in de keuken van de FBI, met name op organisatorisch gebied. Ik heb behoorlijk inzicht gekregen in hoe de FBI wordt gerund. Maar ik geloof niet dat het de bedoeling is dat ik daar over ga bloggen, dus helaas... Dat is overigens sowieso wel een aardige bijkomstigheid van het programma: omdat er echte casussen worden besproken waar mensen mee zitten, hoor je soms dingen waarvan je denkt: 'goh, is dit niet heel erg vertrouwelijk eigenlijk?' Maar kennelijk is er voldoende vertrouwen richting de groep waardoor mensen toch aardig wat delen.

Nou, nog even één inhoudelijke alinea dan: waar moet je nu zoal rekening mee houden als je een adaptieve uitdaging voor je hebt? Het antwoord is: een hele waslijst aan factoren. Maak er maar eens een lijstje van en bedenk in hoeverre je meestal géén rekening houdt met dit soort zaken, terwijl ze allemaal een rol spelen bij de manier waarop belanghebbenden naar hun situatie kijken: gender, race, religion, ethnicity, expertise, competence, participation, inclusion, values, order, structure, belonging, autonomy, ambiguity, dominance, prominence, personality, MBTI (ik heb gisteren direct maar even een MBTI test gedaan op internet, ik ben een ENFJ. Als je niet weet wat dat is: google maar).

Verder is het zwaar om de hele dag binnen te zitten, vaak in ruimtes zonder ramen. En ik heb nog steeds waanzinnig last van mijn jetlag. Donderdag in de VS geland, maar gisteravond (zondag) ging ik nog steeds al om 22:00 naar bed. Pas vandaag lukt het me om langer wakker te blijven, wat denk ik deels komt doordat ik net even ben gaan hardlopen. Interessante en grappige quotes van de colleges kwamen daarbij nog even in me op. Zo wist ik niet (althans, niet zo precies) dat er in de VS heel veel operaties worden uitgevoerd die simpelweg niet nodig zijn (!), maar toch gebeuren omdat artsen daar geld voor krijgen. Een leuke anecdote die ik hoorde was die van een Tasmaanse pokerspeler die een fortuin won, daarmee een museum voor moderne kunst liet bouwen en vervolgens bij kunstwerken vroeg: vindt u het leuk of niet? Kunstwerken die heel veel positieve reacties kregen... haalde hij weg. 'Too comfortable.' En tenslotte was er natuurlijk nog de uitsmijter van Ron Heifetz, toen hij over politiek en adaptieve uitdagingen sprak: 'What do you call a politician that learns? A flip-flopper.'

Afijn. 4 dagen gedaan, nog 4 te gaan.
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Saturday, 14 May 2011 13:24
2,5 jaar na mijn werk in Obama's campagneteam ben ik voor het eerst weer terug in de Verenigde Staten. En dat voelt goed. Donderdag arriveerde ik na een rustige vlucht op Boston Logan Airport, waarna ik met bus, metro en benenwagen richting de campus van Harvard University vertrok. Ik zou namelijk een 8-dagen durend executive program over de 'Art and Practice of Leadership Development' gaan volgen aan de John F. Kennedy School of Government aan Harvard. De combinatie van woorden als 'Harvard' en 'Kennedy' alleen al maakten dat ik er bijzonder veel zin in had.

Ik was nog nooit bij Harvard geweest, wat gekker is dan het klinkt. In 2002 was ik namelijk al eens twee weken in Boston, toen mijn zusje geopereerd moest worden aan haar zeldzame ziekte in het Children's Hospital. Ik had toen veel van de stad gezien, maar om de een of andere reden was ik niet naar Harvard geweest. Dat maakte ik direct deze eerste avond dus al goed. Toen ik bij Harvard Station de metro uit kwam, voelde ik me direct in een ander soort modus terecht komen: ik voelde me weer student. Overal zaten leuke kleine caféetjes en restaurants. Het was prachtig zacht weer, de zon was net onder en om me heen zag ik vrijwel alleen 19 tot 25-jarigen. Ik was duidelijk op Harvard terrein. De campus en omliggend winkel- en uitgaansgebied bleken enorm te zijn. Ik moest vrij ver lopen naar mijn hotel en genoot van het weer, de mensen en de zeer luide muziek (metal) die uit een passerende Toyota Prius kwam, waar een jonge vrouw met kort donker haar nonchalant uit het raam leunde en passanten aankeek met een blik van: 'rustgevend muziekje, nietwaar?'

Ik liep langs een Harvard stadion, dat als een soort kopie van het Romeinse colosseum was gebouwd. Ik liep langs parken, rivieren en prachtige statige huizen en apartementencomplexen in de traditionele New England stijl. Een vreselijk koele motor van de -kennelijk bestaande- Harvard University Police passeerde me. Ik was meteen stikjaloers. En moest onwillekeurig glimlachen.

Er was echter ook een andere Amerikaanse realiteit die avond. Eenmaal in het hotel zette ik de televisie aan. Die bleek op te starten met Fox News, waar ik direct met het gezicht van de conservatieve presentator Sean Hannity werd geconfronteerd. Hij kondigde een item aan over 'terrorist sleeper cells' die momenteel de VS in zouden komen via Mexico. Ik was veel idioots gewend van Fox, maar wat volgde sloeg werkelijk alles. De strekking van het verhaal was zo ongeveer dat er tientallen jaren geleden veel immigranten uit landen als Syrië en Libanon naar Zuid-Amerika waren gekomen, die nu via Mexico de Verenigde Staten in kwamen. Daar zaten ook veel drugssmokkelaars bij en zij gebruikten voor die smokkel dezelfde methoden als Hamas. Kortom: het was dus duidelijk dat het om terroristische 'sleeper cells' ging die nu de grens over kwamen! De logica was absurd. Het verhaal werd uiteraard begeleid met beelden van drugsvondsten bij de grens, schimmen die zich in het donker over dor land in Arizona bewogen en vooral erg onheilspellende muziek op de achtergrond. Met een diepe zucht zette ik de tv weer uit en ging slapen.

Vrijdag werd ik geconfronteerd met mijn jetlag. Al om 04:30 uur was ik klaarwakker. Ik bleef nog een uur op bed liggen, maar gaf het daarna op en stond op. Ik checkte uit en sjouwde mijn spullen de stad in. Op naar de Apple store op Boylston Street, waar ik een iPad 2 wilde gaan kopen. Ik hoopte dat de winkel om 8 uur wel open zou zijn. Ik had dat alleen even moeten checken, zo realiseerde ik me toen ik er om 07:30 uur eindelijk arriveerde. De winkel bleek pas om 10:00 uur open te gaan. Erger was het dat er om half acht al 22 mensen voor de deur bleken te staan, waarvan sommigen al sinds de vorige avond. Een rij voor de iPad 2, zolang na de release? Dat bleek inderdaad het geval te zijn. Een man vertelde me dat hij al voor de vijfde dag op rij probeerde om een iPad 2 te bemachtigen, waar echt een enorme vraag en dus te weinig aanbod voor was. Ik had geen zin om 2,5 uur te wachten tot de winkel open ging om daarna te horen dat ze er niet genoeg hadden, dus ik gaf het op en pakte de metro naar JFK Library. Dat was een van de dingen die ik per se wilde zien tijdens mijn nieuwe verblijf in Boston. Ook dat had ik in 2002 namelijk geskipt.

Ongeveer een uur later arriveerde ik op het schiereiland waar de presidentiële bibliotheek was gebouwd. Het viel me enigszins tegen. Het gebouw was vrij lomp, groot en grijs, waar je toch ergens iets transparants em vriendelijks verwacht. De tentoonstelling zelf begon met een 17 minuten durende film waarin John F. Kennedy zelf aan het woord was en vertelde over hoe hij was opgegroeid en uiteindelijk tot president werd gekozen. Het was een boeiend filmpje, waarin hij regelmatig te zien was in discussies, debatten of presentaties. Zijn manier van formuleren was daarin vaak zo scherp en zo slim, dat ik opnieuw extra bewondering kreeg voor het feit dat zo iemand überhaupt president kon worden. Intelligentie wordt tegenwoordig soms wel als iets negatiefs gezien lijkt het.

De tentoonstelling bestond verder uit veel campagne prullaria, de tv-studio waar het beroemde debat met Richard Nixon was opgenomen, een replica van het bureau uit het Oval Office en kopieën of originelen van belangrijke documenten, aankondigingen (zoals de vlucht naar de maan) en foto's en krantenknipsels. Ook het oude kantoor van zijn broer -en mijn held- Robert stond in een kamer. Je kon daar zelfs achter diens bureau gaan zitten, wat ik natuurlijk prompt deed. Maar al met al was het een vrij karig geheel, stukken minder informatief dan de Texas Bookstore in Dallas, waar leven en dood van John F. Kennedy in veel meer context en perspectief werden geplaatst.

Ik was dus wat vroeger klaar dan gedacht en besloot toch nog maar even terug te gaan naar de Apple store. Daar bleek de winkel inmiddels open te zijn. De rij was echter gegroeid naar 150 mensen! Ik vroeg aan een medewerker wat de kans was dat al die mensen een iPad zouden kunnen kopen. Tot mijn verrassing zei hij dat die redelijk goed was. In tegenstelling tot een dag eerder, toen er nul iPads waren geleverd, waren er nu wel veel binnengekomen. Ik besloot dus even in de rij te gaan staan, die dankzij de 20 medewerkers die rondliepen vrij snel kleiner werd. Na een half uurtje was ik aan de beurt en kocht een iPad 2 met 32GB.

Ik was doodmoe, het vroege opstaan had zijn tol geëist, dus ik besloot om maar even binnen te gaan zitten in een bioscoop. Ik ging naar de film Hesher, die nogal a-typisch, verrassend en vooral erg goed bleek te zijn. Leuke binnenkomer dus. Aansluitend dan eindelijk naar de Harvard campus voor het begin van het programma.

Er bleken in totaal 65 mensen te zijn die het programma gingen volgen. Ik was verreweg de jongste: de meeste anderen waren tussen de 40 en 60. Er waren mensen van de FBI, er was een Canadese tophockeyer, iemand van het Pentagon, Australische CEO's, directeuren van internationale instituten, twee (Zwitserse en Amerikaanse) bankiers en maar liefst 4 hoge medewerkers van Google. Mensen die voornaam@google.com type mailadressen hadden.

We kregen een Harvard tas, bekers, pennen, boeken en stapels papieren. Na een korte introductie van alle deelnemers en een nog korter diner begon het programma. Professor Linsky had slechts één vraag aan de zaal: 'Where Do We Begin?' waarna iemand in de zaal zijn vinger opstak en een vraag stelde, die door Linsky op het bord werd geschreven. Een volgende deelnemers stak zijn vinger op en stelde een vraag. Ook die werd opgeschreven. Voor we het wisten was iedereen vragen aan het stellen en zonder een woord te zeggen bleef Linsky die opschrijven. Na een minuut of tien constateerde iemand in de zaal hardop dat Linsky niets meer had gezegd. En dat dat vreemd was. En dat we misschien met zijn allen ook stil moesten blijven. Een stilte van welgeteld twee seconden volgde, waarna iemand anders toch weer een andere vraag stelde. Linsky schreef deze niet meer op, maar bleef wel zwijgen. De discussie in de zaal ging verder. Wat zei deze stilte over leiderschap? Was het leiderschap uit de zaal gehaald? Waarom was de vraag 'Where Do We Begin?' en niet 'Where Do I Begin?' of 'What Is The Purpose Of This Week?' Een heel uur sprak de zaal. Een uur waarin ik soms dacht: dit gaat nergens over en soms ineens iets leerde van een opmerking van een ander. Linsky zei niets. Uiteindelijk maakte ik zelf ook een opmerking, namelijk dat ik het eigenlijk wel verrassend aangenaam vond dat er nog steeds geen duidelijke structuur in de discussie zat, terwijl het zo makkelijk zou zijn geweest als iemand gewoon had gezegd: 'laten we beginnen met definiëren wat leiderschap is.' Nadat ik dat gezegd had, doorbrak Linksy zijn zwijgen en zei dat het tijd was. Einde sessie, en hij liep de zaal uit. De avond was ineens voorbij en we werden naar de bussen gedirigeerd die ons naar onze kamers op de campus zouden brengen. And that was that!
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 10 May 2011 15:07
Het prachtige huis van mijn oud-mentor Jan staat te koop. Het huis staat in Frankrijk in het pittoreske Moulins-Engilbert. Het is werkelijk spectaculair mooi en ik kan het mensen die overwegen naar Frankrijk te emigreren dan ook meer dan van harte aanraden. Alle informatie en foto's zijn te vinden onder deze link.

Vrij en rustig, aan een weggetje zonder verkeer, een gerenoveerde boerderij-villa met hedendaags comfort en veel authentieke details, in prima staat van onderhoud. Prachtig uitzicht. Tuinniveau: Grote boerenleefkeuken met ingerichte keuken en schouw met open haard. Authentieke broodoven, slaapkamer, ruime badkamer met bad en douche, toilet, woonkamer, studeerkamer.
Overdekte opgang naar de étage: 2 slaapkamers, douche, toilet, ruime (te verbouwen) zolder.
Onderhuis: wijnkelder, atelier, stookruimte (cv-olie).
Aan de linkerkant in het gebouw: stal met 2 zolders (3x30m2), te verbouwen tot gastenverblijf.
Vrijstaand bijgebouw garage/houtopslag.
Terrein van 5,6 hectare, ommuurde sier/groentetuin, onderhouden bos en weiland.
Op 1,5 km van Moulins-Engilbert met alle voorzieningen en een gezellige regionale maandmarkt.

Locatie: WESTRAND PARC DU MORVAN BIJ MOULINS-ENGILBERT (Nièvre)
Oppervlakte: 160 m2
Terrein: 56000 m2
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Monday, 09 May 2011 12:05
Afgelopen weekend was ik in Baku, de hoofdstad van Azerbeidzjan, om vanuit de Alfred Mozer Stichting campagnetraining te geven aan een groep van 22 jongeren die deel uitmaken van de oppositie in dat land. Formeel gezien is Azerbeidzjan een democratie, maar in de praktijk is daar weinig van te merken. President Ilham Alijev wint verkiezingen doorgaans met 90-95% van de stemmen. Oppositie mag formeel wel bestaan, maar wordt in de praktijk in de kiem gesmoord. Met de komst van de Arabische revolutie in landen als Tunesië, Egypte, Libië en Syrië zijn in Azerbeidzjan de duimschroeven alleen maar verder aangedraaid: protestanten worden opgepakt en soms dagen, soms weken vastgezet.

Bij mijn aankomst in Baku was al direct één van de belangrijkste kenmerken van Azerbeidzjan te zien. Slechts enkele kilometers buiten het vliegveld reden we ineens dwars door olievelden heen. Kilometerslang stonden er overal jaknikkers, pal langs de weg. Ik vroeg of we even een foto konden gaan maken bij een van de jaknikkers. Dat mocht, dus ik stapte uit en wilde naar een van de apparaten toe lopen. Op mijn witte schoenen liep ik door het gras, die groeide op een –naar ik dacht- vrij uitgedroogde grond. Bij een stuk gebarsten aarde waar ik overheen moest lopen dacht ik even dat het een soort modder was die opgedroogd was, maar toen ik een stap zette merkte ik dat ik ineens in de olie stond. Er zat hier zoveel olie, dat het zelfs aan de oppervlakte lag! Al snel zag ik overal om me heen grote zwarte plekken op het gras. Allemaal olie. Waanzinnig.

Die olie maakt Azerbeidzjan meteen ook tot een erg ingewikkeld land als het gaat om een revolutie 2.0, waar de jongeren eigenlijk geïnteresseerd in waren en over getraind wilden worden. Buurlanden van Azerbeidzjan steunen de oppositie bijvoorbeeld helemaal niet, want die hebben geen zin in instabiliteit in een land met zoveel olie. Daar zijn ze teveel van afhankelijk. Datzelfde geldt voor de EU. Sterker nog, Azerbeidzjan probeert momenteel buiten Rusland om een oliepijpleiding aan te leggen die goed zou kunnen zijn voor 30% van de totale olievoorziening van West-Europa! Van de EU zijn er dus ook weinig kritische geluiden te horen over de gebrekkige mensenrechtensituatie in Azerbeidzjan. Sterker nog, het enige land dat wel openlijk kritiek lijkt te uiten is Noorwegen. Zij hebben zelf olie en kunnen zich kritiek dus ook veroorloven…

De campagnetraining was expres buiten Baku georganiseerd, zodat de regering er niet te snel van zou horen. Dat zou namelijk een probleem op kunnen leveren voor de deelnemers. Of voor ons. Het was al erg raar geweest bij de aanvraag van mijn visum. Technisch gezien hebben Azerbeidzjan en Rusland namelijk niets meer met elkaar te maken, maar toen ik mijn visum –aangevraagd bij de Azerbeidzjaanse ambassade in Den Haag- vervroegd op wilde halen bleek ineens dat ik dat bij het Russisch consulaat moest doen. Ra ra ra… Onze tolk gaf hier een toelichting op. Hij vertelde jarenlang voor de BBC gewerkt te hebben, met name om verslag te doen over de hele regio, dus ook over Iran en zei dat Rusland vanwege de grote oliebelangen een dikke vinger in de pap probeert te houden. Zij zijn vooral bezig met het conflict dat Azerbeidzjaan en Armenië al tijdenlang hebben. Dat conflict is misschien het meest bekend van de regio Nagorno-Karabach, waar in 1988 een conflict over uitbrak die leidde tot een grondoorlog met Armenië in 1991. Na veel politieke oproer ontstond een gematigde en een conservatief-islamitische partij, die werd gevolgd door een stroom van anti-Armeens geweld. In 1990 bestormde het Sovjetleger de hoofdstad Baku nadat pogroms tegen de Armenen hadden plaatsgevonden door de lokale bevolking. Tussen de 40 en 60 Armenen en meer dan 100 Azerbeidzjanen kwamen hierbij om het leven. Deze datum wordt in Azerbeidzjan gezien als de geboortedag van de onafhankelijkheid. De Russen houden er sindsdien een verdeel-en-heers tactiek op na. In het conflict vielen in totaal meer dan 25.000 slachtoffers en meer dan een miljoen Azerbeidzjanen en Armenen sloegen op de vlucht.

Met al deze achtergrond begonnen we aan de training. Die bleek lastiger dan gedacht, want echt zin in een revolutie hadden de jongeren niet. Ze hadden de doden die bij de protesten in Egypte en Syrië en dergelijke waren gevallen scherp op het netvlies. Sterven voor de goede zaak? Liever niet, zo was hun –begrijpelijke- instelling. Ook waren de meeste jongeren toch wel erg onervaren. Hun kennisniveau was soms relatief laag en het leggen van logische verbanden was niet altijd aan de orde. Zo was een van hun stellingen dat ze graag de mensen op het platteland wilden bereiken met social media. Tegelijkertijd meldden ze echter dat slechts 5% van de mensen op het platteland überhaupt gebruik maakt van social media. Dan is dat natuurlijk niet het allerhandigste instrument om te gebruiken. Er werd dan ook besloten om een crash course campagnestrategie te geven. Van doelstelling tot strategie, van het maken van een SWOT-analyse tot het ontwikkelen van een kernboodschap en van het selecteren van de juiste doelgroepen tot de beste instrumenten om die doelgroepen te bereiken. Met veel workshops probeerden we te zorgen dat ze zich het politiek strategische handwerken eigen maakten. Dat ging uiteindelijk best aardig.

Maar een opstand organiseren tegen president Aliyev, die net als Ben Ali van Tunesië een tijdje geleden nog werkelijk overal op gigantische billboard terug te vinden is, is lastig als alleen al het lidmaatschap van een oppositiepartij kan leiden tot arrestatie. Veelal zogenaamd om andere redenen, maar het effect blijft hetzelfde. Corruptie en nepotisme vieren hoogtij in Azerbeidzjan. Alles draait om olie. Met BP werd een megadeal gesloten, die de greep van de overheid alleen maar verder verstevigde. In 2009 werd een nieuwe grondwet aangenomen, die ook nog eens het maximum van twee presidentiële termijnen van vijf jaar af heeft geschaft.

Meer foto’s staan op dit adres.
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Monday, 09 May 2011 09:18
Ik ben een paar weken geleden in Bulgarije geweest. Ik leerde daar Martin kennen, wiens vader een horsebackfarm (paardenboerderij) net buiten Sofia bleek te hebben. Of ik die boerderij wilde zien. Dat leek me wel leuk, zeker gezien het feit dat de boerderij in de bergen was. Het bleek er heel mooi te zijn: 12 paarden, een groot pension, prachtige bergpaadjes en beekjes en een typisch Bulgaars dorp. Ik heb Martin beloofd wat reclame te maken voor de boerderij, dat verdienen ze ook wel. Ze steken er echt veel werk in! Qua comfort is het net zo goed als hier in Nederland allemaal. De bereikbaarheid is ook prima: vlieg naar Sofia (goedkoop) en dan gaat er een bus direct naar zo ongeveer de voordeur van de boerderij, uur rijden!

Je kunt meer informatie over de boerderij vinden op hun website, die ook in het Engels beschikbaar is: www.zdravetsbg.com. Ze hebben al eens Nederlandse gasten gehad, dat moeten er natuurlijk meer worden! :)
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Thursday, 05 May 2011 10:39
Zelfs de dodenherdenking is niet meer zoals hij was. Vorig jaar woonde ik de herdenking bij in Rotterdam. Het was een waardige herdenking toen, een mooie ook. In het publiek stonden soldaten van verschillende leeftijden. Veteranen van de Tweede Wereldoorlog, maar ook jonge soldaten die in Afghanistan waren geweest. Toen de Last Post werd geblazen had ik een brok in mijn keel. Net zoals in eerdere jaren had ik voorafgaand aan de herdenking weer een aantal documentaires gezien en artikelen gelezen. Wat vorig jaar bij me was blijven hangen was dat 1 op de 10 Canadese soldaten die in Nederland vocht daarbij om het leven was gekomen. Mensen van een ander continent, die voor onze vrijheid stierven. Ik vind het heel goed dat we dat soort feiten en ook al die duizenden andere soms weerzinwekkende, soms moedige, soms angstaanjagende gebeurtenissen blijven herdenken. Op diezelfde waardige wijze als vorig jaar in Rotterdam.

Maar de Damschreeuwer heeft dat vorig jaar en dit jaar verpest. Vorig jaar vanwege de enorme commotie, de schrik en de angst. Hoewel ik ook nooit het beeld zal vergeten hoe koningin Beatrix enkele minuten na het incident met strijdlustige blik en vastberaden pas de Dam weer opliep. Zij liet zich niet tegenhouden door gekken. Fantastisch was dat.

Maar de schade was al aangericht. Dat merkte ik dit jaar, toen ik besloot om nu zelf ook naar de Dam te gaan. Rond half acht arriveerde ik samen met een paar vrienden op de Dam. Het was er druk, maar niet overvol. Het was er ook stil, gepast stil. Maar wel met een soort zeurende ondertoon. Je merkte dat praktisch iedereen toch bezig was met om zich heen te kijken. Je kon ieders gedachten lezen: 'zal er weer een of andere gek iets doen?' Ik kon er niets aan doen: ik had die vraag zelf ook in mijn hoofd. Een geruststellende factor was dat er ontzettend veel politie op de been was. Overal stonden plukjes agenten. Zo ook een meter of tien links naast ons.

Na enkele minuten kwamen er ineens drie jongens van een jaar of 20 door het publiek heen lopen. Ze hadden korte broeken aan en twee van hen hadden hele grote legerrugtassen op hun rug. Het zag er vreemd uit. Waren het soldaten? Zo ja, waarom kwamen ze dan in korte broek? Dat leek vreemd, daar andere soldaten in het publiek in vol ornaat waren gekomen. Je zag onmiddellijk dat mensen zich onveiliger voelden. De jongens bleven een klein stukje rechts van ons staan. De vijf agenten links van ons hadden het ook gezien. Ze smoesden wat met elkaar en bleven naar de jongens en met name naar hun rugtassen kijken. Maar niemand deed iets. Moest dat? Was dat gepast? Was het niet discriminerend? Wat als het echt soldaten waren en ze zich enorm beledigd zouden voelen als je zou vragen wat er in de grote tassen zat? Na een minuut of vijf, waarin je de ongemakkelijkheid van de situatie bleef voelen, liep er uiteindelijk een agente naar de jongens toe. Ze vroeg een van hen: 'mag ik vragen wat er in jullie tassen zit?' 'Kleding,' antwoordde de jongen, die de agenten tot dan toe al had zien kijken, maar ze volledig genegeerd had. De agente nam daar genoegen mee en liep weer weg. Ze vroeg niet om de tassen open te maken.

Het ongemakkelijke gevoel bleef. Het voelde idioot. Natuurlijk was er niets aan de hand. De kans dat het gewoon een paar jongens waren met grote tassen met kleding was 99,9999%. Maar het bleef knagen. Worden we dan zo gegijzeld door alleen al de mogelijkheid dat er weer ergens een Karst Tates of Tristan van der Vlist rondloopt? Het antwoord was ja.

Een stukje verder naar achteren stond een ander groepje agenten. We konden woord voor woord horen wat een van hen in zijn microfoontje zei tegen de centrale. 'Daar boven dat gebouw links achter het perspodium, op de derde verdieping, daar staat een raam open. Er hangt iemand uit, zo te zien met een camera, maar dat kan ik niet met zekerheid zeggen.' We keken omhoog en zagen inderdaad iemand uit het raam hangen. Het was het enige raam op de hele Dam dat open stond. Het moest niet veel gekker worden, nu zagen we ineens overal spoken. 'Ongeveer 60-jarige man met beige jas is net opgestaan en heeft zijn tas laten staan. Ik herhaal: hij heeft zijn tas laten staan. Hij maakt een verwarde indruk.' Een paar minuten later weer een melding: 'Het raam staat nog steeds open, ik herhaal: het raam staat nog steeds open en ik zie nog steeds iemand uit dat raam hangen.'

Onze alerte Jack Bauer was door ten minste 20 omstanders te horen. Wat zullen zij allemaal gedacht hebben? Dat het overdreven was? Dat de agent zijn werk goed deed? Wat ik me vooral realiseerde, was dat ik met van alles bezig was, behalve met waar we voor waren gekomen: de dodenherdenking. Zelfs toen de twee minuten stilte uiteindelijk begonnen zag je dat iedereen waakzaam bleef: als er iets zou gebeuren, dan... tja, dan wat? Maar het bleef stil. Zo stil, dat de duizenden mensen op de Dam slechts één ding hoorden: het klapperen van de halfstok hangende Nederlandse vlag tegen de vlaggenmast. Een prachtig geluid. Mijn aandacht verlegde zich, verschoof toch weer naar de Tweede Wereldoorlog. Terug naar die Canadese soldaten en al die anderen aan wie wij onze vrijheid te danken hebben. Ik keek naar koningin Beatrix, die een krans legde en ik dacht weer aan haar optreden van vorig jaar.

En ik dacht weer aan een documentaire die ik enkele jaren geleden heb gezien. 's Middags had ik er al een paar mensen over verteld. Over deze 9,5 uur durende documentaire van Claude Lanzmann, genaamd Shoah, die iedereen eigenlijk zou moeten zien. Ik heb er al eens over geblogd, zie hier, maar wil het graag nog een keer herhalen. Shoah liet een verwoestende indruk bij me achter. De twee fragmenten die het meest zijn blijven hangen zijn die over de Poolse Jood Simon Srebnik, en een fragment over een Joodse kapper die in Treblinka te werk werd gesteld. Simon Srebnik's verhaal is gelieerd aan het vernietigingskamp Chelmno in Polen. In Chelmno werden Joden voor het eerst vermoord met gas. Het vernietigingsproces begon in december 1941 en kostte 400.000 Joden het leven. Er waren slechts twee overlevenden. Een daarvan is Simon Srebnik. Meer dan 30 jaar na de oorlog zoekt Lanzmann Srebnik op en gaat samen met hem terug naar Chelmno. Daar kijkt een getekende Srebnik terug op die gruwelijke tijd. En zelfs hij verzucht dat het onvoorstelbaar is. 'En ik was er nota bene zelfs bij'. Zie de intro van de film en een deel van Srebnik's interview hieronder:

Het tweede fragment dat nog steeds door mijn hoofd suist en tolt betreft een Joodse kapper, die samen met negen andere kappers werd gedwongen om in Treblinka de haren van te vergassen Joden te knippen. Het was hen verboden om met de slachtoffers te praten, op straffe des doods. De kapper, die dertig jaar na dato nog steeds knipt, vertelt dat een van zijn collegae op een dag zijn familie voor zijn neus krijgt. Hij weet dat ze binnen een uur dood zullen zijn, maar om twee redenen kan hij niks zeggen. Ten eerste zou het zijn eigen doodvonnis zijn, ten tweede zou hij paniek ontketenen en de laatste minuten die ze hebben nog vreselijker maken. De moord voorkomen was onmogelijk. Dus probeert hij slechts het knippen van de haren zo lang mogelijk te rekken.

Het is allemaal zo ondenkbaar, zo onvoorstelbaar.

Het is makkelijk om mensen te haten. Makkelijk om niet te vergeven. Maar laten we in ieder geval niet vergeten. En onthouden dat we boosheid en verdriet om het verleden nooit als excuus mogen gebruiken om het goede nu achterwege te laten. En laten we ons niet gijzelen door Damschreeuwers en andere idioten bij het herdenken van de oorlog.
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 03 May 2011 10:44
Vandaag kreeg ik de Elfstedenbrief in huis, een nieuwsbrief die naar alle 31.000 leden van de Vereniging de Friesche Elfsteden wordt verstuurd. In het verslag van de jaarvergadering staat deze ronduit hilarische passage. Dit is kennelijk serieus aan de orde gewees in de vergadering:

Piet Dijkstra -lidnummer 052114 - attendeert het bestuur op een volgens Wikileaks vermeend contact tussen Obama en Poetin en dat volgens zeggen die twee zich zouden voorbereiden op deelname aan een Elfstedentocht in Fryslân. Hij vraagt het bestuur of hierover in de reglementen het een en ander is opgenomen of dat er per geval iets moet worden beslist. Het gaat dus om VIPS die opeens willen meedoen. Naar het idee van de voorzitter is er niets voor Obama en Poetin geregeld, maar in de statuten is wel opgenomen dat het bestuur het recht heeft om een aantal mensen uit te nodigen voor deelname aan de tocht. Het gaat om een zeer klein aantal, eerder 5 à 10 dan meer; zeer spaarzaam dus. Mochten de heren zich aanmelden, dan zal het bestuur overwegen om hen de tocht te laten rijden, maar als ze niet goed kunnen schaatsen, dan wordt het natuurlijk niks. De ene vraag nodigt de andere uit, want wat te regelen voor alle beveiligers die beide heren ongetwijfeld zullen meenemen? De vraagsteller krijgt van de voorzitter het gelijk aan zijn kant, want dan moet van deelname worden afgezien.
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Thursday, 28 Apr 2011 12:19
Ik ben geslaagd voor mijn motorrijbewijs, EINDELIJK! Ben zo opgelucht! Het werd nog een tamelijk bizar ochtendje. Het begon met: DE BANAAN. Ja, dat lees je goed: de banaan. Op www.motor-forum.nl loopt namelijk een discussie dat het zou helpen om een banaan te eten voorafgaand aan je examen. De vorige keer had ik dat niet gedaan, en 'dus' was ik gezakt. Dit keer zou ik wel een banaan eten, zo had ik plechtig aan de forum-mensen beloofd. Al had het maar een placebo-effect, who cares! Ik had alleen helemaal geen honger, want ik was veel te zenuwachtig. Had ook maar vier uur geslapen, hele nacht liggen malen... best suf, maar ik kon er niks aan doen.

Om zeven uur ging ik de deur uit naar de rijschool. Daarna werd het apart, want nadat we eerst een uurtje hadden ingereden, moest ik eerst wachten op een andere leerling die examen had. Een uurtje zenuwen in de kantine bij het CBR dus. Ik raakte daar aan de praat met de vader van een jongen die op dat moment bezig was met zijn autorijbewijs. Zijn zoon was superslim, maar een beetje lui, zo vertelde hij. Alles ging hem altijd veel te makkelijk af en hij bereidde zich ook nooit echt voor. Voor zijn theorie-examen was hij twee dagen van tevoren pas gaan leren. Na een kwartier wachten kwam zijn zoon terug van het examen. En hoe... hij was gezakt (er was zelfs een ingreep geweest) en begon met de tuinstoelen voor de deur te gooien en wild om zich heen te slaan (in het luchtledige, dat wel). Zijn vader stoof woest naar buiten en riep dat hij normaal moest doen. Vervolgens liep de jongen al scheldend richting de auto van zijn vader, ging daar in zitten en begon zo mogelijk nog agressiever op de bestuurdersstoel in te slaan. Erg nuttig........ Een instructeur die alles ook zag gebeuren zei dat hij dit in de twintig jaar dat hij les gaf nog nooit had meegemaakt. Tja.

Daarna was ik eindelijk aan de beurt. Ik was wel zenuwachtig, maar niet zo absurd zenuwachtig als de vorige keer. Het inrijden was ook iets beter gegaan. Al snel gingen we de weg op, voor het examen dat formeel 55 minuten zou duren. Daar kwam weinig van terecht, want na 33 minuten waren we al weer terug bij het CBR! Alles was lekker gegaan, op een paar kleine dingetjes na. Zo was er een mevrouw die met haar fiets aan de hand een zebrapad over wilde gaan steken, waar ik dus braaf voor was geremd. Op het laatste moment boog ze af en liep op de weg naar rechts, stapte op en fietste in mijn rijrichting door. Ik was nog niet helemaal tot stilstand gekomen en wilde dus weer optrekken, maar had de motor per ongeluk in z'n vrij gezet. Dat werd dus even horten en stoten om weer op gang te komen, maar dat lukte gelukkig. Verder ging alles eigenlijk wel aardig. Totdat... we terug kwamen bij het CBR, ik in wilde parkeren en in de zenuwen de motor om liet vallen (vanuit stilstand). Met grote krachtsinspanning kreeg ik hem weer overeind, om vervolgens mijn examinator en rij-instructeur lachend te zien toekijken. Ik keek verontschuldigend en probeerde terug te lachen. Dat lukte maar half. Maar het gaf niet, ik was geslaagd!!!

Morgen naar het gemeentehuis, maandag rijbewijs ophalen en dinsdag dan eindelijk mijn motor weer ophalen in Schijndel!!
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 26 Apr 2011 19:33
Ik was 26 april kort te gast bij BNR over Obama's campagnestrategie. Ik werd dit keer aangekondigd als Obama-watcher. :)
Het korte gesprekje is hier terug te luisteren.
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 26 Apr 2011 00:18
Onderstaand verslag is geheel op een iPhone geschreven. Ik haat dat toetsenbord, echt. :)

Na de werkdag op donderdag snel door naar Schiphol. Tijd voor een tripje naar Madrid en Casablanca! Van de avond van de 21e tot en met de avond van de 25e zou ik op pad gaan. Newsweek, The Economist en Time mee in de trein, sushi erbij, perfect. De vlucht naar Madrid verliep vlekkeloos, maar daarna ging het mis: mijn aansluitende vlucht naar Casablanca bleek zonder enige mededeling te zijn gecancelled. Ze hadden me daarom op een andere vlucht geboekt, namelijk eentje in... het verleden! Het vliegtuig was al die ochtend vertrokken, toen ik nog in Nederland was. Gezien het feit dat ik geen tijdreiziger ben werd het wat lastig om die vlucht te halen...

Dus kreeg ik van Iberia een hotel, transport daarnaartoe, een diner en ontbijt. En als het goed is ook 250€ compensatie (EU-regel). Als dat laatste inderdaad ook gebeurt (heb het formulier daartoe ingeleverd), dan hoor je mij niet klagen: mijn ticket kostte maar 243€...

Het hotel bleek alleen niet in Madrid te liggen, maar in een desolaat industriestadje bij het vliegveld. Daar was ongeveer net iets minder dan niets te doen. Wel in de hotelkamer, want daar werd ik midden in de nacht opgeschrikt door een enorme knal, waarna ik ineens een enorme herrie uit de badkamer hoorde komen. Er was ergens in het gebouw iets misgegaan met de riolering en nu kwam er ineens van alles door mijn wc omhoog. Heel fijn... Ik kon er wel om lachen.

De volgende dag dan eindelijk naar Casablanca. Na bijna twee uur vliegen kwam ik daar aan. Volgens mijn iPhone, ingesteld op de lokale tijd, was het 14:03. Volgens de klokken in de hal echter 15:03. Die dan maar geloven... Direct in de aankomsthal stapte ik al een nieuwe wereld in: er werd gerookt. En hoe! De ruimte stond volledig blauw. Niet veel later sloeg Murphy's Law weer toe: de rij waar ik in stond was al traag, maar toen de computer van de douanebeambte het opgaf werd hij zelfs opgeheven. Pas na dik een uur was ik door de paspoortcontrole heen.

De trein naar de stad vertrok keurig op tijd. Voor vier euro werd ik een half uur verder verwelkomd door een drukke stad, veel beton, industrie, lelijke gebouwen en vooral heel veel mannen, die ik al snel niet meer aan durfde te kijken omdat ze dan direct dachten dat ik in ze geïnteresseerd was. Ik pakte mijn iPhone waar ik op Google Maps de route naar mijn couchsurfhost Mehdi had ingesteld. Dat was 1,3km lopen. Vlak voordat ik bij zijn huis aankwam en net weer even op mijn telefoon keek, probeerde een jongen vqn een jaar of 18 in een blauw shirt die ineens uit mijn handen te grissen. Gelukkig had ik hem kennelijk stevig genoeg vast en ik klemde mijn handen er direct nog beter om. Hij schreeuwde iets tegen me in het Marokkaans en ik reageerde denk ik met iets als: 'ga weg!' Achter me kwam een oudere man aanlopen, die iets riep naar de jongen. De schermutseling duurde nog geen vijftien seconden, waarna de jongen wegrende. Ik bedankte de man en nog geen tien seconden later kwamen er nog zo'n tien mannen aanlopen. Ik liep inmiddels echter door, want had geen idee of ze bij de jongen hoorden of mij juist wilden helpen. Ik merkte dat ik over mijn hele lichaam stond te trillen en dat mijn adrenalineniveau op bijna maximum stond. Ik keek nog één keer om en zag dat de mannen op de hoek van de straat druk met elkaar in discussie waren en in de richting wezen waarin de jongen was weggerend. Kennelijk waren ze me inderdaad te hulp geschoten.

Ik liep door tot aan de hoek van de straat en liep daar na enig aarzelen het terras op. Ik was zo goed als op de plaats van bestemming en durfde niet verder te lopen. Dit leek me semi-veilig. Ik smste naar mijn host wat er gebeurd was en meldde hem waar ik zat. Ik bestelde een cola en keek daarna om me heen. Tot mijn schrik stond er twintig meter verderop een jongen op een brommer die me grijnzend aankeek en daarna met iemand ging bellen. Al snel bleek dat hij me duidelijk stond op te wachten. Ik voelde me nog onveiliger. Een paar minuten later stond er ineens iemand voor me: 'Are you Kirsten?' Het bleek mijn Couchsurfhost te zijn, die vlakbij werkte. Hij nam me mee naar zijn huis. Onderweg daarnaartoe werd hij door een paar mannen aangesproken, waarvan ik er een herkende van het incident. Het gesprek was in het Marokkaans. Na afloop vroeg ik aan Mehdi wat ze zeiden. Ze hadden hem verteld dat ze getuige waren geweest van de poging tot beroving en dat het hier niet veilig voor me was. Fijn om te horen...

Mehdi bracht me naar zijn huis en vertrok weer naar zijn werk, hij had nog een uur te gaan. Ik wilde een boek gaan lezen, maar dat lukte niet echt.

Nadat Mehdi weer terug kwam maakten we even echt kennis. Hij woonde pas vijf maanden in Casablanca en werkte als manager in een winkel om de hoek. Hij had gebak meegenomen, waar we eerst een deel van opaten waarna we de stad in gingen om even een rondje te lopen. Het was druk, grauw, vies en er hing een dikke laag smog. Het ging al snel regenen, wat de stad een nog naargeestiger aanzien gaf. Groen was nergens te zien. Ook bijna geen vrouwen overigens. De verhouding man-vrouw op straat was ongeveer 85-15. 'Dat zal wel door de regen komen,' lachte Mehdi. Hij ontwikkelde ter plekke de theorie dat vrouwen binnen willen blijven als het regent en dat mannen van die wetenschap profiteren en massaal naar buiten gaan om even van de vrouwen af te zijn. Toen het even later droog werd en ik grijnzend opmerkte dat de verhouding niet leek te wijzigen wees Mehdi naar beneden: 'de straten zijn nog nat.' Ik gaf me gewonnen.

We liepen nog langs een paar café's, waar alleen maar mannen zaten ('vrouwen mogen daar wel komen maar doen het simpelweg niet'), waardoor ik me een beetje geïntimideerd voelde. Daarna toch maar een taxi naar huis, het begon weer te regenen.

Na een avondje praten, muziek luisteren en film kijken bleef ik de volgende ochtend in Mehdi's huis. Ik voelde er niets voor om alleen de deur uit te gaan. Dan maar even wat lezen en dit verhaal tikken, terwijl Mehdi nog een ochtendje werkte. 's Middags was hij vrij en dan zouden we richting zee gaan.

Rond half één kwam Mehdi uit zijn werk. Hij zag er vermoeid uit, maar wilde absoluut de stad in met me. Niet veel later zaten we in een taxi naar het strand. Al snel kwam ik erachter dat het deel van de stad waar ik bijna beroofd was zo ongeveer het gevaarlijkste deel van de stad was. Bij het strand was alles anders. Meer ruimte, meer groen, leukere mensen, compleet anders. Ik durfde hier ook weer richting mannen te kijken. In tegenstelling tot waar we eerder zaten reageerden ze hier niet allemaal of ik iets van ze wilde.

We wandelden kilometers langs het strand, in de brandende zon. Ik vermoedde toen al dat ik er later spijt van zou krijgen dat ik geen zonnebrandcrème bij me had. Het strand was een soort mix van de Scheveningse boulevard en een voetbalveld: waar bij ons in Nederland het strand wat schuin afloopt, was het hier vlak. Honderden Marokkanen waren derhalve overal op het strand aan het voetballen.

Bij de lunch kreeg ik het maar niet voor elkaar om de vislijst op de lunchkaart te begrijpen. De ober was behulpzaam en vroeg of ik het eten wilde zien. Ik zei prima, waarna hij weg ging en even later terug kwam met een gigantische schaal waarop hij de kok álle soorten vis die ze hadden uit had laten stallen! De keus was nu snel gemaakt.

Onze volgende stop was de Hasan II moskee, die in de verte hoog boven alles uit torende. Mehdi dacht dat het ongeveer twee kilometer lopen was. Dus gingen we op pad, om er al snel achter te komen dat zijn inschatting ietsje afweek van de realiteit. Vier kilometer om precies te zijn. Na ruim een uur lopen kwamen we eindelijk bij de moskee aan, een gigantisch bouwwerk dat met behulp van de financiële steun van talloze Marokkanen was gebouwd. Het was groot, prachtig mooi en heel slim aan zee gebouwd. Duizenden mensen liepen of zaten rond de moskee en op het plein dat er bij hoorde. Het leek mij een geweldige locatie voor een Rolling Stones concert. Mehdi zag dat niet zo snel gebeuren. En dat was een eufemisme. 'Maybe Cat Stevens could perform,' lachte hij.

We liepen weer verder. Het was inmiddels zes uur. De zon was nog niet eens onder, maar ik voelde mijn nek al gloeien. Ik was waanzinnig verbrand. Het duurde niet lang voor het gloeien overging in pijn. Eigen schuld... We liepen langs een hele drukke bushalte toen Mehdi opeens zei: 'I see a thief!' Verbaasd vroeg ik hem waar hij het over had. Hij wees op een jongen van een jaar of 15 met een petje en zei dat hij zag hoe hij bij het instappen in de bus met zijn hand in een tas van een vrouw was gegaan. We liepen terug naar de bus en waarschuwden de chauffeur, die buiten stond. Die sprong meteen de bus in om de jongen te zoeken.

We liepen weer verder. Overal weer druk verkeer. Ook veel motoren, waar ik natuurlijk extra op lette. Bijna iedereen reed zonder helm, wat in Marokko net zo verboden is als in Nederland. Alleen de handhaving op dit verbod wordt in Marokko iets anders ingevuld, namelijk: niet.

Na nog een paar kilometer lopen arriveerden we bij café Jardin de Rome, waar een Couchsurfmeeting zou zijn. Hier troffen we zo'n 15 Couchsurfers. De meeste waren Marokkanen, er was ook een Mexicaan en een Duitser. Ik was de derde buitenlander. Na ongeveer een uur gezellig kletsen ontstond er pal voor mij ineens een schermutseling, die al snel overging in een massale vechtpartij tussen enkele tientallen mensen. Na mijn bijna-beroving durfde ik niet echt iets te doen, dus vroeg ik maar aan een van de Couchsurfers of hij het telefoonnummer van de politie wist, want het liep behoorlijk uit de hand. Ik belde ze en gaf de telefoon uiteindelijk aan de jongen naast me, want ik merkte dat mijn Frans niet goed genoeg was om uit te leggen wat er aan de hand was. Ik wist niet eens wat het woord voor 'vechtpartij' was.

Daarna ging ik eerst weer zitten. Ik had mijn Twitterscherm nog open en tikte wat er aan de hand was. Iemand reageerde met de vraag of ik lekker op een terrasje zat en niets deed terwijl er werd gevochten. Ik werd direct enorm boos. Ik had juist net de politie gebeld! En wat moest ik verder nu doen? Me in een vreemd land als vrouw in een straatgevecht tussen dertig mannen mengen? Seriously? In mijn woede besloot ik om precies dát te doen. Ik stond op, liep naar buiten en ging midden tussen de vechtende partijen staan. Enkele Couchsurfers, waaronder Mehdi, liepen achter me aan. 'Come inside,' zei hij. Maar ik gaf aan er juist tussen te willen gaan staan in de hoop dat de boel gesust zou worden als ze zagen dat omstanders zich ermee gingen bemoeien. Al snel kwamen er nog een paar vrouwen naar buiten die hetzelfde deden. Het leek te werken, even gingen de groepen uit elkaar.

Nog steeds was het me niet duidelijk wat er nu eigenlijk aan de hand was. Er werd van alles heen en weer geschreeuwd. Ik vroeg Mehdi wat er gezegd werd, precies op het moment dat er ineens een ongeveer 50-jarige man met lange baard en een eveneens lang gewaad uit een huis om de hoek kwam. Hij begon meteen luid schreeuwend op een van de mannen in te slaan. Diverse mensen probeerden hem in bedwang te krijgen. Twee nieuw gearriveerde vrouwen schreeuwden zo mogelijk nog harder en hielpen mee. Mehdi vertelde dat het nu allemaal duidelijk was: op het terras van het café had iemand een vrouw lastig gevallen, die de dochter van de man uit het huis bleek te zijn. Na enkele telefoontjes kwam van het een het ander en stonden er ineens twee groepen tegenover elkaar...

Omdat nu nagenoeg alle Couchsurfers en ook enkele andere cafébezoekers buiten stonden was de ruzie nu snel gesust. Het adrenalineniveau in mijn lichaam zakte weer.

Met enkele auto's reden we vervolgens richting een klein restaurant, waar op enkele tv-schermen een programma werd vertoond waarin moslima's vertelden over hun werk voor God (aldus de Engelse ondertiteling) en hun echtgenoten in beeld kwamen om te vertellen hoe geweldig goed hun vrouwen daarnaast ook nog hun huishoudelijke taken uit wisten te voeren. Ik zuchtte nog maar eens diep.

Aan tafel was inmiddels een discussie ontstaan over het gebrek aan een fatsoenlijke grondwet in Marokko. Ene Jalil vond het absurd dat het woorden 'volk' of 'mensen' nooit centraal had gestaan, zoals in landen als de Verenigde Staten, waar de grondwet zelfs begint met 'We the people...'. Eerder op de dag had ik Mehdi al gevraagd hoe het bijvoorbeeld met persvrijheid in Marokko zat. Hij legde uit dat de koning veel macht had en dat dit in de praktijk betekende dat je over álles mocht schrijven, 'behalve over de westelijke Sahara (waar een dispuut over grondgebied is), over religie en over de koning zelf.'

Het werd laat en we namen afscheid. Op weg naar huis liepen we langs een paar biljartzalen. Ik vroeg Mehdi of hij wilde spelen. Dat leek hem wel wat, dus gingen we bij een van de zalen naar binnen. Er waren ongeveer 60 mannen binnen en welgeteld 0 vrouwen, zoals ik direct al geamuseerd opmerkte. Dit keer voelde ik me niet ongemakkelijk, maar Mehdi, die voorstelde om toch maar ergens anders heen te gaan. We kwamen uiteindelijk niet veel verder dan een pinautomaat die ik gezien de leegstand in mijn geldvoorraad nodig moest plunderen, waarbij Mehdi zich lachend achter mij omdraaide richting de straat en zei: 'I am your bodyguard, don't worry.'

Daarna gingen we maar naar huis. Ik zou de volgende ochtend al vroeg de deur uitgaan voor een dagtrip naar Marrakech: 4 uur heen in de trein, 6 uur daar en dan weer 4 uur terug. In de trein naar Marrakech zit ik dit deel van mijn reisverslag nu te tikken. De rest volgt dus later...

De trein arriveerde perfect op tijd in Marrakech. Het 1e klas kaartje voor de 250 kilometer lange rit had slechts 14 euro gekost. Daar kreeg je dan zelfs elektriciteit bij. Top dus.

Marrakech zelf vond ik iets minder top. Ook deze stad bleek overschaduwd te worden door smog. De luchtvervuiling is enorm. Het immer drukke verkeer helpt daar niet echt aan mee. Na vier kilometer lopen was ik bij hét sightseeing point van de stad: Jamaa El Fna, oftewel een enorme markt midden in de stad. Dit bleek een waanzinnige tourist trap te zijn. Als in: als toerist ontkwam je er niet aan om de markt te bezoeken. Ik dus ook niet.

Het was even wennen. Overal hoorde je een kakafonie aan geluiden. Fluitisten, gitaristen, trommelaars, je kon het zo gek niet bedenken of het was er wel. Ook stikte het op het plein van de slangen en apen. De apen waren het zieligst, die zaten in piepkleine kooitjes waar ze elkaar voortdurend beten. Zowel slangen als apen waren bedoeld voor de toeristen om mee op de foto te gaan. Triest. Het plein bood verder overal verse jus d'orange voor 4 dirham, oftewel 0,40 euro, schildpadden, kleding, parfums en een kleine 1001 andere zaken. De kleedjes met verkoopwaar op het plein gingen bijna naadloos over in de officiële winkeltjes van de markt in de achtergelegen nauwe straatjes.

Ik maakte me al snel weer uit de voeten. Weg bij die chaos, die werd versterkt door het auto-, fiets- en brommerverkeer dat overal dwars doorheen ging. De letterlijk duizenden toeristen stemden me ook niet echt vrolijk.

Ik besloot om voor de simpele oplossing te kiezen: een hop on hop off bustour. De alternatieven waren wandelen of een paard met wagen/koets. Dat laatste wilde ik zeker niet doen, gezien de overduidelijk slechte gezondheid waarin de meeste paarden verkeerden.

De bustour was amper zes kilometer lang. Wat parkjes, paleizen en een theater en dat was Marrakech wel. Na amper drie uur in de stad had ik het wel weer gezien. Ik rekte mijn verblijf nog enkele uren op, onder andere door maar liefst vijf pinautomaten af te moeten lopen voordat ik een werkende vond en keerde daarna terug naar Casablanca. Weer uren in de trein. Ik had er zowaar zin in.

De terugweg duurde iets langer. Met een kleine 25 minuten vertraging kwamen we in Casablanca aan. Ik besloot te gaan lopen, ook al waren se straten donker en leeg. Na een dik kwartier kwam ik eindelijk in de buurt van Mehdi's huis. Op de hoek van de straat doemde een donker figuur op. Ik herkende zijn silhouet onmiddellijk: het was Mehdi, die buiten op mij was gaan wachten.

De volgende ochtend alweer vroeg op pad voor de laatste etappe: terug naar Madrid, waar ik oorspronkelijk zes uur zou hebben om tijd door te brengen. Inmiddels was dat gereduceerd tot vijf uur, omdat Iberia wederom zonder enige aankondiging een wijziging in het vluchtschema had aangebracht. C'est la vie, dacht ik maar. La vie zou wat Madrid betrof echter nog een teleurstelling met zich meebrengen, courtesy of Iberia. De vlucht naar Madrid duurde namelijk zo lang, dat ik pas om 16:00 uur de metro in kon stappen richting het centrum van Madrid. Om 16:45 zag ik eindelijk zonlicht. Ik had net genoeg tijd om een rondje over Plaza de Espana te lopen, een foto van wat regeringsgebouwen te maken en een park door te steken. Dat was het. Drie kwartier later moest ik de metro weer in, terug naar het vliegveld. Dat was dus allemaal het gevolg van de slechte organisatie van Iberia. Tot drie keer toe hadden ze dingen gedaan die tijdreizen noodzakelijk maakten. De eerste keer was nog grappig geweest, toen nog voor het opstijgen van het vliegtuig in Amsterdam werd aangekondigd dat we binnen enkele minuten op de plaats van bestemming zouden arriveren. De tweede keer was de aansluitende vlucht naar Casablanca geweest, die zomaar was gecancelled en was omgeboekt naar een tijdstip in het verleden. De derde en laatste keer was op de terugweg: eerst bleek dat de vlucht zomaar een uur later dan oorspronkelijk op het bord stond, daarna kwam er ook nog een dik uur vertraging bij. Dit leidde ertoe dat als vertrektijd op mijn boardingpas 10:40 stond aangegeven, terwijl de boardingtijd op diezelfde pas 10:55 uur was.

Ook mijn laatste vlucht, van Madrid naar Amsterdam, leverde gedoe op. Met wederom een half uur vertraging vertrokken we pas. Tja... Rond middernacht was ik via nog een trein-, fiets- en autotrip eindelijk thuis. Home sweet home. Tijd voor een nieuwe werkweek. :)

(Foto's van de reis staan op Facebook.)
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Wednesday, 20 Apr 2011 00:18
Afgelopen weekend ben ik naar Sofia geweest, in Bulgarije. Een leuke last minute beslissing (donderdag pas bedacht, vrijdag weg), maar dat leverde wel de vraag op: waar ga ik naartoe? Ik had geen zin om in m'n uppie in een hotel te gaan zitten, dus besloot ik om te proberen een Couchsurf host te vinden. Na een stapeltje afwijzingen ('helaas, al andere plannen') kwam er dan toch een reactie van iemand die mij wel drie nachten onderdak wilde bieden: Rados meldde dat ik welkom was. Maar... er was wel één klein dingetje: ik zou op vrijdag aankomen en dat was... zijn verjaardag. En zo kwam het dat ik meteen na aankomst in Bulgarije naar een verjaardagsfeestje ging, van iemand die ik tot dat moment nog nooit in mijn leven had gezien. Het was erg gezellig, er waren in totaal zo'n vijftien mensen uit Bulgarije, Canada, Litouwen en Turkije.

Op zaterdag trok ik de stad in voor een korte wandeling, waarna ik met een andere Couchsurfer (die ik dus ook nog nooit had ontmoet), Martin, had afgesproken om uitgebreider te gaan wandelen. Hij vertelde een paardenboerderij in de bergen te hebben. Of ik zin had daarheen te gaan. Dat had ik wel, zo kon ik tenminste ook nog wat van de omgeving van Sofia zien. Na een 1,5 uur durende busreis door de bergen (prachtig!) kwamen we bij de boerderij aan, waar zijn vader aan het werk was om alles in gereedheid te brengen voor het toeristisch seizoen. Heerlijk gewandeld, ook door kleine dorpjes, veel over de Bulgaarse cultuur geleerd. Topdag!

De zondag besteedde ik aan het uitlezen van het eerste deel van de Millennium trilogie, een verdere stadswandeling en een bioscoopbezoekje. Maandagochtend weer terug naar Nederland, waar ik in een moeite door direct naar mijn werk ging...

Foto's van mijn trip staan hier: KLIK HIER.
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Date: Tuesday, 19 Apr 2011 15:03
Mailtje van Remco, die een scene uit Mythbusters quote. Ik moest er erg om lachen. Maar ja, ik ben een nerd. :)

Mythbusters Grant en Tory zijn bij NASA om een windtunnel te gebruiken voor een experiment
NASA dude: Fire it up!
Grant: Maximum warp!
Tory: Ugh...
Grant: I just made that really geeky didn't I?
Tory: We're trying to make science cool, dude.
Voice-over: And for cool science: let's make it so.

Disclaimer: als je de grap in bovenstaande stukje niet snapt, dan komt dat doordat je niet weet wie Jean-Luc Picard is. YOUR LOSS!
Author: "Kirsten Verdel"
Comments Send by mail Print  Save  Delicious 
Next page
» You can also retrieve older items : Read
» © All content and copyrights belong to their respective authors.«
» © FeedShow - Online RSS Feeds Reader